Rotterdam, 25 oktober 2011.
Onderwerp:
Beantwoording van de schriftelijke vragen van het raadslid M.J.W. Struijvenberg (Leefbaar Rotterdam) over vakantiedagen en zorgverlof in de bijstand.
Aan de Gemeenteraad.
Op 21 september 2011 stelde het raadslid M.J.W. Struijvenberg (Leefbaar Rotterdam) ons schriftelijke vragen over vakantiedagen en zorgverlof in de bijstand.
Inleidend wordt gesteld:
“Mensen in de bijstand hebben wettelijk recht op vier weken vakantie per jaar. Buiten deze vier weken dienen zij zich in Nederland te bevinden, om hier te kunnen werken aan hun uitstroom uit de bijstand. Tijdens deze vier weken wordt de bijstandsuitkering doorbetaald. In 2008 is in Rotterdam hieraan toegevoegd dat iemand die familie in het buitenland heeft, twee extra weken verlof kan krijgen om te zorgen voor familieleden. Dit zorgverlof is onbetaald; er wordt over die periode geen bijstand uitbetaald.
Iemand die langer dan de toegestane duur op vakantie gaat, kan de bijstandsuitkering verliezen. Men wordt namelijk geacht te proberen uit de bijstand te geraken, iets dat niet gebeurt tijdens een vakantie.”
Hieronder volgen de vragen en onze beantwoording.
Vraag 1:
Hoe is gecontroleerd of mensen in de bijstand niet langer dan de toegestane duur (inclusief eventueel zorgverlof) op vakantie zijn?
Antwoord:
Uitkeringsgerechtigden zijn volgens de Wet werk en bijstand (WWB) verplicht om hun vakantie in het buitenland te melden. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van een meldingsformulier. Vakantiedagen worden geregistreerd. Bij het afhandelen van een vakantie-aanvraag maakt de klantmanager een risico-inschatting op te late terugkeer. Zonodig plant hij een gesprek direct na de vakantie van de klant. Ook wordt steekproefgewijs op niet tijdige terugkeer gecontroleerd.
Directeur SoZaWe heeft het besluit genomen om een terugmeldingsplicht in te voeren om de controles op tijdige terugkeer uit het buitenland sluitend te maken. De nieuwe procedure treedt op 1 januari 2012 in werking.
Vraag 2:
Hoe vaak zijn de afgelopen 12 maanden (of een andere aaneensluitende periode van 12 maanden) mensen in de bijstand langer dan de toegestane duur (inclusief eventueel zorgverlof) op vakantie gegaan?
Vraag 3:
Welke actie is in die gevallen ondernomen?
Antwoord op de vragen 2 en 3:
De afgelopen 12 maanden is in 34 gevallen een maatregel opgelegd vanwege het overschrijden van de maximale termijn van vakantie in het buitenland. Vanaf 1 juli 2011 bedraagt de maatregel een korting van 30% op de uitkering.
Vervolgens wordt gesteld:
“De mening dat mensen in de bijstand er alles aan moeten doen om uit de bijstand te raken wordt steeds breder gedragen in Nederland. Is het niet uit moreel oogpunt, dan is het wel uit financieel oogpunt. Leefbaar Rotterdam vindt dat er in voorkomende schrijnende gevallen zorgverlof moet worden toegekend aan mensen in de bijstand. In het geval van een (thuiswonende) zieke partner, ouder of kind zou zorgverlof toegekend kunnen worden volgens de wettelijke regels die ook gelden voor werknemers.
Werknemers hebben in zo’n geval wettelijk recht op twee weken zorgverlof per jaar onder doorbetaling van 70% van het loon, of, in geval van een levensbedreigende ziekte, zes weken per jaar onbetaald zorgverlof. (Bron: http://overheidsloket.overheid.nl/index.php?p=product&product_id=900239)
Leefbaar Rotterdam vindt dat Rotterdamse regelgeving geen ruimere mogelijkheden zou moeten toekennen aan mensen in de bijstand dan dat werknemers toegekend krijgen volgens de nationale wetgeving.”
Vraag 4:
Hoe vaak is de afgelopen 12 maanden (of een andere aaneensluitende periode van 12 maanden) gebruik gemaakt van het zorgverlof?
Antwoord:
De WWB staat in beginsel niet toe dat het maximale toegestane verblijf in buitenland wordt overschreden in verband met het territorialiteitsbeginsel. Als de maximale termijn wordt overschreden dan bestaat geen recht op een uitkering. Slechts in zeer uitzonderlijke gevallen kan de maximale termijn beperkt worden verlengd, zoals bijvoorbeeld in het geval van ziekenhuisopname in het buitenland.
Om dergelijke situaties te reguleren is in 2008 in Rotterdam een gedragscode zorgverlof opgesteld. Deze gedragscode beoogt om in een uitzonderlijke situatie de mogelijkheid te kunnen geven om zorgverlof te geven. Als voldaan is aan de strenge criteria is zorgverlof van maximaal 2 weken mogelijk. Er moet dan onder andere sprake zijn van acute nood, en het kan slechts gaan om bloedverwanten tot en met de tweede graad.
Vanwege het territorialiteitsbeginsel van de WWB en de strenge criteria van de gedragscode, komt in de praktijk zorgverlof aan bijstandsgerechtigden in het buitenland nauwelijks voor. In veel van de gevallen vraagt de uitkeringsgerechtigde vakantieverlof aan. In de praktijk is deze termijn van vier weken voldoende. Over de afgelopen 12 maanden is geen enkel geval bekend, waarbij zorgverlof is toegekend.
Vraag 5:
Is in die gevallen inderdaad geen bijstand uitbetaald gedurende het zorgverlof?
Vraag 6:
Hoe is gecontroleerd of het zorgverlof daadwerkelijk is gebruikt om te zorgen voor familieleden?
Vraag 7:
Hoe vaak is geconstateerd dat het zorgverlof niet is gebruikt om te zorgen voor familieleden?
Vraag 8:
Welke actie is in die gevallen ondernomen?
Antwoord op de vragen 5, 6, 7 en 8:
Zie ons antwoord bij vraag 4.
Vraag 9:
Wat vindt u van het idee om het zorgverlof voor mensen in de bijstand in zijn huidige vorm aan te passen door dit zorgverlof toe te gaan kennen op dezelfde manier als dat het wettelijk geregeld is voor Nederlandse werknemers?
Antwoord:
De Wet werk en bijstand (WWB) kent een strikt begrip van territorialiteitsbeginsel waardoor een uitkeringsgerechtigde maximaal 4 weken in het buitenland mag verblijven. Bij langere periode moet de uitkering worden beëindigd. De WWB sluit de mogelijkheid uit om zorgverlof toe te kennen aan uitkeringsgerechtigden op dezelfde manier als wettelijk geregeld voor Nederlandse werknemers. Een langere periode is alleen mogelijk op basis van een strikt individuele beoordeling van de omstandigheden van de uitkeringsgerechtigde.
Burgemeester en Wethouders van Rotterdam,
De secretaris,
A.H.P. van Gils
De burgemeester,
A. Aboutaleb