Het laatste van Schriftelijke Vragen

mei 22, 2012
Markt in Rozenburg (n.n.b)

mei 10, 2012
Dierenopvangcentra Rijnmond (n.n.b)

mei 04, 2012
Criminelen op billboards (n.n.b)

mei 02, 2012
Vrijmarkt Coolsingel (n.n.b)

mei 01, 2012
Politiezorg Rozenburg (n.n.b)

april 25, 2012
Bedrijfsreinigingsrecht (n.n.b)

april 24, 2012
Subsidie Megastad FM

april 18, 2012
Naheffing belastingen (n.n.b)

april 18, 2012
Opvanghuis Nora Storm (n.n.b)

april 17, 2012
Hennepplantage in pand WOM (n.n.b)

maart 27, 2012
Rappende homohater (n.n.b)

maart 26, 2012
Vervallen volkstuincomplex Bosdreef (n.n.b)

maart 23, 2012
Wooncarrière Woonbron (n.n.b)


RVS speeltoestellen zijn een miskoop

Rotterdam, 26 juli 2011.

Onderwerp:
Beantwoording van de schriftelijke vragen van het raadslid A.S. Mosch (Leefbaar Rotterdam) over rvs speeltoestellen.

Aan de Gemeenteraad.

Op 5 juli 2011 stelde het raadslid A.S. Mosch (Leefbaar Rotterdam) ons schriftelijke vragen over rvs speeltoestellen.

Inleidend wordt gesteld:

“Geacht college,

De nieuwe rvs speeltoestellen die onlangs zijn aangeschaft zijn een miskoop. Deze speeltoestellen zijn niet bestand tegen vandalisme en een makkelijk doelwit voor metaaldieven. Volgens Gemeentewerken kunnen er antidiefstalhouders geplaatst worden maar dit is geen honderd procent garantie tegen diefstal.

Achteraf gezien lijkt de keuze voor speeltoestellen van koper geen goede keuze vanwege de kans op diefstal en vernieling. Ook blijken koperdiefstallen de laatste tijd aanzienlijk toegenomen. Ik heb hier de volgende vragen over:”

Hieronder volgen de vragen en onze beantwoording:

Vraag 1:
Hoe kan het dat, gezien de toename in koperdiefstallen, van tevoren niet is voorzien dat juist deze materiaalsoort vatbaar is voor vernieling en diefstal?

Antwoord:
Ons college kent en ziet geen verband tussen de toename van het aantal koperdiefstallen en de vernieling/diefstal van roestvrijstalen (rvs) speeltoestellen. Er is zover ons college bekend in dit geval geen sprake van speeltoestellen van koper.

Vraag 2:
Welke maatregelen bent u bereid te treffen om vernieling en diefstal tegen te gaan?

Antwoord:
Het college neemt in zijn algemeenheid zijn verantwoordelijkheid ten aanzien van de openbare orde en veiligheid. Wij oordelen deze maatregelen voldoende. In het specifieke geval van speeltoestellen is het aan de deelgemeenten, vanuit hun verantwoordelijkheid voor locatiekeuze, aanschaf, beheer en onderhoud van speeltoestellen, om te bepalen of en zo ja welke (aanvullende) maatregelen getroffen zouden kunnen worden om diefstal en/of vernieling van speeltoestellen te bemoeilijken of tegen te gaan.

Vraag 3:
Wat zijn de geschatte aanschafkosten van de antidiefstalhouders per speeltoestel en hoeveel van deze antidiefstalhouders denkt de deelgemeente nodig te hebben?

Antwoord:
Bij de speeltoestellen is geen sprake van het aanbrengen ‘antidiefstalhouders’. Wel heeft de dienst Gemeentewerken Rotterdam voor de door diefstal en/of vernieling van speeltoestellen getroffen deelgemeenten de mogelijkheden onderzocht om de toestellen beter te beveiligen. Dit kan door gebruik van anti-diefstalbouten of door de boutkoppen of gehele verbinding vast te lassen. Vooral dit laatste is een rigoureuze maatregel die in de toekomst het onderhoud kan bemoeilijken. Zelfs bij het nemen van dergelijke maatregelen is nog steeds geen 100% garantie tegen diefstal te geven. In ieder geval zijn beide genoemde opties kostbaar en vergen ze een aanzienlijke extra investering waarover de deelgemeente uiteindelijk een beslissing moet nemen. Het college kan om die reden noch een uitspraak doen over de denkrichtingen van de deelgemeente, noch iets zeggen over de geschatte kosten van maatregelen per speeltoestel. Deze kosten zijn immers in hoge mate afhankelijk van de aard en hoeveelheid aanpassingen die de deelgemeenten besluiten te gaan doen aan de speeltoestellen.

Vraag 4:
Welke materiaalsoort zou achteraf gezien een betere keuze zijn geweest?

Antwoord:
De keuze voor RVS is door de deelgemeente gemaakt op basis van duurzaamheid, vandalismebestendigheid en de relatief lage onderhoudsbehoefte van RVS. Er is met zekerheid achteraf geen uitspraak te doen over het type materiaal dat in dit geval beter zou zijn geweest. Daarnaast wil ons college niet oordelen over een keuze van de deelgemeente, omdat de keuze van speeltoestellen een autonome bevoegdheid van de deelgemeente is.

Vraag 5:
Bent u bereid bij de deelgemeente erop aan te dringen om geen rvs speeltoestellen meer aan te schaffen?

Antwoord:
Zoals ook al in het antwoord op vraag vier gemeld, wil ons college niet treden in de bevoegdheden van de deelgemeenten. De deelgemeenten zijn verantwoordelijk voor 1251 openbare speelplekken met in totaal 5983 speeltoestellen. Gemeentewerken is in opdracht van de deelgemeenten de technisch beheerder en heeft in die hoedanigheid de deelgemeenten geadviseerd over mogelijk te nemen stappen die diefstal en/of vandalisme bemoeilijken. Hierover werd in de beantwoording van vraag 3 al voldoende opgemerkt.

Vraag 6:
Welke mogelijkheden zijn er om de huidige speeltoestellen te verkopen en in plaats daarvan toestellen aan te schaffen die minder vatbaar zijn voor vernieling en diefstal?

Antwoord:
De deelgemeenten hebben vanuit de al in de antwoorden op vragen 4 en 5 genoemde bevoegdheden de keuze om vrijelijk over hun bezit te beschikken. De keuze, om speeltoestellen door verkoop af te stoten, is één van de mogelijkheden die de deelgemeenten hebben. Hetzelfde geldt voor de keuze om andere toestellen aan te schaffen.

Burgemeester en Wethouders van Rotterdam,

De secretaris,
A.H.P. van Gils

De burgemeester,
A.C. van Huffelen, l.b.