Onderwerp: Ontevredenheid onder agenten
Beantwoording van de schriftelijke vragen van het raadslid D. Mosch (Leefbaar Rotterdam) over “O ntevredenheid onder politieagenten”.
Aan de Gemeenteraad.
Op 24 juli 2009 stelde het raadslid D. Mosch (Leefbaar Rotterdam) schriftelijke vragen over “Ontevredenheid onder politieagenten”.
Inleidend wordt gesteld:
“Uit een recent onderzoek, door de SP uitgevoerd onderzoek, onder 8500 agenten, blijkt dat maar 17% van de agenten vindt dat de leiding voldoende weet wat er speelt op de werkvloer. Slechts 15% van de agenten meent dat wijkagenten genoeg tijd in de buurt aanwezig kunnen zijn. Slechts 3% is van mening dat politici voldoende kennis hebben van de problemen op de werkvloer. De signalen komen voor Leefbaar Rotterdam niet als een verassing aangezien fractieleden van ons regelmatig met de politie op straat meelopen.
Wij zien dit onderzoek als een bevestiging van zaken waar Leefbaar Rotterdam zich al langer voor inzet. Kern van de zaak: de korpsleiding moet gevoel blijven houden met de praktijk op straat, agenten moeten zo min mogelijk belast worden met administratieve taken en zoveel mogelijk de straat op. Wij pleiten, mede om deze reden, al langer voor een aparte aangifte organisatie.”
Hieronder volgen de vragen en de beantwoording:
Vraag 1: Bent u bekend met het onderzoek? zo ja, welke conclusies trekt u hieruit?
Antwoord:
Ja, ik ben bekend met de resultaten van het onderzoek en het korps herkent zich gedeeltelijk in de uitkomsten van het onderzoek. Het onderzoek heeft overigens mijns inziens qua kwaliteit en kwantiteit een beperkte scope. Om goed inzicht te krijgen in de tevredenheid van de medewerkers doet het korps Rotterdam-Rijnmond zelf één keer per vier jaar een medewerkerstevredenheidsonderzoek. Recentelijk, in oktober 2008, is door 77% van de medewerkers deel genomen aan dit tevredenheidsonderzoek. Uit dit laatste onderzoek bleek dat ruim drie kwart van de medewerkers tevreden was over het werken bij de politie. Vragen over werkbeleving zijn door ruim 80% van de medewerkers positief beantwoord. De werktevredenheid in 2004 was vergelijkbaar met die van 2008, daarin is weinig veranderd. Twee derde is van mening dat administratieve lasten te veel tijd in beslag nemen. Werkdruk (met als onderdeel daarvan administratieve lasten) is daarom tot korpsverbeterpunt aangemerkt.
Vraag 2:
Heeft u nog suggesties op welke wijze politici in de gemeenteraad beter kennis kunnen nemen van de problemen waar agenten in de praktijk mee kampen?
Antwoord:
In overleg met de KC nodig ik geïnteresseerde raadsleden uit voor een werkbezoek.
Vraag 3:
Op welke wijze zorgen we ervoor dat in Rotterdam de korpsleiding gevoel blijft houden met de politiepraktijk op straat?
Antwoord:
Bij grote incidenten/evenementen is de korpsleiding altijd persoonlijk betrokken, ook richting collega’s op straat. Daarnaast treden leden van de korpsleiding regelmatig in contact met ‘de werkvloer’ of zijn zij op straat te vinden. Ook is er goed contact tussen de korpsleiding en de OR van de Politie Rotterdam – Rijnmond.
In mei van dit jaar heb ik persoonlijk contact gehad met de leden van de OR. In overleg met de korpschef wil ik dit overleg periodiek herhalen. Verder zoek ik actief contact met de individuele agenten op straat om over hun werk en hun werkomstandigheden te praten.
Vraag 4:
Is het mogelijk dat de korpsleiding elke maand één of twee dagen meedraait op straat of bij de aangiftebalie? (motiveer uw antwoord svp)
Antwoord:
De korpsleiding draait al regelmatig mee op straat.
Vraag 5:
Hoe gaat u ervoor zorgen dat in Rotterdam de (wijk)agenten wel voldoende tijd hebben om in de wijk of buurt aanwezig te zijn?
Antwoord:
In de regio Rotterdam - Rijnmond zijn de buurtagenten full-time beschikbaar voor de burgers in hun buurt. Buurtagenten moeten daarbij ook administratieve taken uitvoeren, die zij vervullen om de informatiebehoefte voor de eigen organisatie en naar andere hulpinstanties te borgen.
Deze administratieve lasten en de komende bezuinigingen spelen het korps parten. Toch doet zij er alles aan om de bereikbaarheid en beschikbaarheid naar de burgers toe te waarborgen. In het meerjarenbeleidsplan is een van de hoofddoelstellingen de actieve verbinding met de burgers in de regio.
Vraag 6:
Welke administratieve taken die nu door agenten gedaan worden, zouden eventueel uitbesteed kunnen worden?
Antwoord:
Momenteel vinden in het korps scenario-studies plaats in het kader van de bezuinigingen. Onderdeel hiervan een discussie over de kerntaken van het korps en een eventuele afstoting van taken aan gemeentelijke- en andere instanties.
Vraag 7:
Kunt u een inschatting geven van de kosten die met overheveling van administratieve werkzaamheden naar de gemeente gepaard zouden gaan? Kunt u deze op hoofdlijnen schetsen?
Antwoord:
Een inschatting is momenteel niet te geven maar een berekening zal wel onderdeel uitmaken van de scenario’s die ontwikkeld worden.
Vraag 8:
Wat gaat u doen met de aanbeveling om te komen tot meer kleinere politieposten in de buurt?
Antwoord:
Zoals in vraag 5 al bleek werkt het korps in de regio Rotterdam – Rijnmond anders als het gaat om buurtagenten. Het aantal buurtagenten in de regio Rotterdam – Rijnmond is dusdanig groot dat wij in Rotterdam een zeer fijnmazig netwerk hebben.
De burgemeester van Rotterdam,
Ing. A. Aboutaleb