Rotterdam, 4 oktober 2011.
Onderwerp:
Beantwoording van de schriftelijke vragen van het raadslid mevrouw A.G. Fähmel-van der Werf (Leefbaar Rotterdam) over “Niet inburgeren, dan geen uitkering”.
Aan de Gemeenteraad.
Op 2 september 2011 stelde het raadslid mevrouw A.G. Fähmel-van der Werf (Leefbaar Rotterdam) ons schriftelijke vragen over “Niet inburgeren, dan geen uitkering”.
Inleidend wordt gesteld:
“Volgens een bericht op RTL Nieuws en Nu.nl van vandaag gaat de gemeente Den Haag
allochtone uitkeringsgerechtigden verplichten om Nederlands te leren en in te burgeren. Als zij dit niet doen, raken ze hun uitkering kwijt. De woordvoerster van wethouder Norder (integratie, PvdA) heeft dit bevestigd.
Met de maatregel wil Den Haag allochtonen met een taalachterstand “helpen om weer te kunnen participeren op de arbeidsmarkt omdat dit soort achterstanden een enorme belemmering vormt om aan het werk te komen”. Leefbaar Rotterdam onderschrijft deze stelling volkomen.”
Hieronder volgen de vragen en onze beantwoording:
Vraag 1:
Hoeveel allochtone Rotterdammers met een uitkering hebben er op dit moment een zodanige taalachterstand, dat zij in aanmerking komen voor het leren van de Nederlandse taal en dus een inburgeringcursus moeten volgen?
Antwoord:
Er zijn in Rotterdam rond 97.000 laaggeletterden, die onvoldoende kunnen lezen, schrijven of rekenen om effectief te kunnen handelen in persoonlijke en maatschappelijke situaties en in situaties van studie en werk. Er zijn geen concrete cijfers over het aantal allochtone Rotterdammers met een uitkering die tot de groep laaggeletterden behoren.
Vraag 2:
Is het College bereid om, in navolging van Den Haag, ook in Rotterdam de regel te hanteren “Niet inburgeren, geen uitkering“? Zo nee, waarom niet?
Antwoord:
Als de taalachterstand een uitkeringsgerechtigde Rotterdammer belemmert om aan het werk te komen, kan de uitkeringsgerechtigde worden verplicht om een inburgerings- of taalcursus te volgen als onderdeel van zijn re-integratietraject. De uitkeringsgerechtigde is in het kader van zijn re-integratieplicht verplicht om mee te werken.
Wettelijk is het niet mogelijk om een WWB-uitkering in het geheel te beëindigen, vanwege de vangnetfunctie van de WWB. Als de uitkeringsgerechtigde zijn verplichtingen verwijtbaar niet nakomt leidt dat tot toepassing van een maatregel.
Op grond van het maatregelenbeleid zoals dat met ingang van 1 juli 2011 geldt, leidt onvoldoende medewerking aan een voorziening tot verlaging van de uitkering met 30% gedurende een maand. Bij recidive kan dit oplopen tot 100%. Als helemaal geen medewerking wordt verleend wordt direct een maatregel van 100% opgelegd. Bij herhaling wordt de duur van de maatregel verlengd.
Vraag 3:
Indien het college de regel “Niet inburgeren, dan geen uitkering” gaat hanteren, wanneer gaat het College de doelgroep op gesprek vragen en hen deze keuze voorleggen?
Antwoord:
Uitkeringsgerechtige Rotterdammers worden regelmatig uitgenodigd op gesprek bij de klantmanager van het werkplein. De uitkeringsgerechtigde wordt hier altijd geïnformeerd over zijn rechten en plichten. Hij wordt hier ook geïnformeerd over zijn plicht om mee te werken aan een taalcursus als dat nodig is voor zijn re-integratie, en hij wordt gewezen op de gevolgen als hij verwijtbaar niet meewerkt.
Burgemeester en Wethouders van Rotterdam,
De secretaris,
A.H.P. van Gils
De burgemeester,
A. Aboutaleb