Ik ken de buurt. Heb er van mijn zevende tot mijn zeventiende gewoond en ben er in de Rösenermanszstraat 15 jaar docent geweest.
Café Alhena, Café Mathenesser, Café Veendam zijn ook gesloten. Alle café’s op de Mathenesserstraat hebben de golf van verandering en terreur moeten ondergaan.
Kan me herinneren dat er groot bezwaar was tegen het plaatsen van camera’s op het Marconiplein.
De junks bestuurden dat deel van de stad en toen wij de Keileweg wilden sluiten stuitten we op enorme tegenwerking van de deelraad, die de latere succesvolle sluiting schaamteloos claimden! “Kijk eens wat we (na 20 jaar ellende) gedaan hebben” Ondertussen schilderden ze ons af als racisten en fascisten. Twee actieve dames die jaren tevergeefs klaagden en die herhaaldelijk bedreigd werden (hun naam is bekend) waren ons zeer dankbaar maar DURFDEN dat niet te zeggen uit angst voor de partijgenoten in het “sociale” zwaar gesubsidieerde partijcircuit, waarin ze ook functioneerden.
Ze spraken namens alle bewoners van dat deel van de Math’weg en het Marconiplein, maar konden toch de waarheid nog steeds niet te zeggen.
Van die partijgenoten is ook deze ondernemer de dupe geworden.
Het moet zijn cafe’s op de Mathenesserweg natuurlijk.
De Mathenesserstraat - waar mijn opa twee panden had - kende geen cafés (de zijstraten wel)
Die cafes werden vaak gedreven door ex zeelui, die hadden gespaard om niet hun hele leven op zee door te brengen. Ze noemden hun café naar het schip waar ze hun poen verdiend hadden. Alhena, Veendam, Alfarad, Willem Ruys etc.
Een treurig verhaal en exemplarisch voor de wijze waarop de lokale overheid handelt.
Natuurlijk is dit in strijd met fraaie slogans over een sterke en sociale overheid die dichtbij mensen staat. Ook in het buitengebied van de gemeente Rotterdam komen dit soort situaties voor (http://www.bds.rotterdam.nl/Bestuurlijke_Informatie:7/Raadsinformatie/Gemeenteraad_2010_2014/2010/Kwartaal_4/Raadsvergadering_van_16_december_2010/Mededeling_van_ingekomen_stukken_met_betrekking_tot_de_raad_en_de_commissies_zoals_genoemd_op_de_doorlopende_lijst_2010_week_47_48_en_49/Overige_brieven/10GR3151_Burgerbrief_over_de_bestuurlijke_besluitvorming_van_de_deelgemeente_Hoek_van_Holland_inzake_de_Bonnenpolders).
De lokale overheid doet bij herhaling een beroep op mensen hun maatschappelijke verantwoordelijk te nemen in het leveren van een bijdrage in het oplossen van maatschappelijke problemen. Men heeft de mond vol over het afwijzen van fysiek geweld. Er bestaat echter ook een stil, sluipend en anoniem bestuurlijk en ambtelijk geweld. Geweld bestaat in fysieke zin waarbij men in een fractie van een seconde een mensenleven kan vernietigen of in ieder geval een dramatische wending kan geven. Geweld bestaat echter ook in de vorm van juridisch, economisch, bureaucratisch en psychische geweld waarbij men in een reeks van jaren een mensenleven kan vernietigen of in ieder geval een mens zijn ontwikkeling en ontplooiïng een dramatische wending kan geven. Dit soort geweld kan zelfs gekwalificeerd worden als “moord op termijn”. Mensen raken beschadigt door hen systematisch te frustreren, te schofferen en te negeren.
Voor wat betreft de definitie van “geweld” dient zich voor de oorspronkelijke bewoners en ondernemers in de Bonnenpolders ook de parabel aan met iemand die is gebeten door een gifslang of gepakt door een wurgslang en aan wie de noodzakelijke hulp onthouden wordt. De doodstrijd wordt onverschillig aanschouwd, men haalt de schouders op en men richt zich op andere zaken waar men zijn voordeel mee kan doen. Feitelijk klopt deze parabel niet helemaal, want met de unaniem aangenomen PvdA-motie uit november 2003 werd juist wel hulp aangeboden en een perspectief beloofd om een dreigende verloedering en verpaupering van onze polder te voorkomen.
Wellicht is het dan beter om de parabel te gebruiken over iemand die in het water is geduwd en door de stroming dreigt te worden meegevoerd. Aan de ene kant is de kademuur te hoog om er zelfstandig uit te komen; aan de andere kant is er een schuin talud en zou het wel lukken. De stroming wordt steeds sterker. Er wordt hem een reddingsboei vanaf de kademuur toegeworpen. Daar woont hij ook en er wordt hem een warme douche en droge kleren toegezegd. De drenkeling kiest voor de reddingsboei en zwemt hier naartoe. Juist op het moment dat de drenkeling de reddingsboei wil grijpen wordt deze weer weggetrokken. Men heeft het touw nodig om elders een feestlint op te hangen. Over de moegestreden drenkeling die vervolgens te uitgeput is om de overkant – de kant met het schuine talud – te halen, wordt dan verteld dat deze maar goed zwemmen had moeten leren, eigenlijk onvoorzichtig is geweest en het aan zijn eigen gedrag te wijten heeft dat hij dreigt te verdrinken. Er ontstaat dan een ander beeld dan de daadwerkelijke feiten zijn.
Het al dan niet succesvol zijn van een ondernemer is in tal van situaties afhankelijk van bestuurlijke en ambtelijke competentie en integriteit. Hoeveel bestuurders en ambtenaren zijn zelf ondernemer geweest?
Nee, er zullen ook niet veel kalkoenen in een eethuis gaan werken, toch?..... Hoeveel bestuurders en ambtenaren zijn zelf ondernemer geweest?
VROEGER
Was dit nog een nette buurt onze oma en opa woonde er en kon je daar nog gewoon lopen ik ben er ook een beetje opgegroeid in mijn jeugd ik heb ook mijn eerste verkering daar ontmoet en ging dan ook mijn grote broer opzoeken in de kroegen kregel matadoor mathenesse
en div later reed ik op de taxi en ging dan ook in de ochtend als we klaar waren wat drinken in een van die Cafe s
dat was nog eens een tijd en gezellig
later toen ik Loodgieter werd kreeg ik als klant de matadoor toen was de toilet verstopt okee ik er heen wat was er nou een portomone in de pot met gegevens van de persoon. ik deze er uitgehaald en laten zien aan de eigenaar
die zei mij dan ook ja dat gebeurt veen nu hier met die keilenweg hier dus ik deze portomone naar de politie brengen, en ja ja hier komt tie ze vroegen of ik deze portomone even wou weggooien in de container. heb ik toen maar even gedaan.
toch een zonde van de gezelligste kroeg van Rotterdam toen ik heb hele mooie herinderingen aan die tijd samen met mijn oudste Broer Harry die nog kelner was in de Matadoor en ik en Dries daar altijd waren kan wel zeggen dat ik daar opgegroeid ben. zou er nu niet meer willen lopen. Gr Henk Mosch
Op vrijwel elk gebied is de overheid een onbetrouwbare partner geworden waarbij je op zijn minst bij een belofte of een contract je vingers moet natellen.
Hoe zou het nu komen dat de burger geen enkel vertrouwen meer heeft?
Dit is opnieuw een exemplarisch voorbeeld.
Het is inderdaad één van de redenen geweest dat na 10 jaar ik uit de actieve politiek ben getreden. Mijn geweten speelde mij s’morgens teveel op en ik kon dit in de spiegel constateren.
Ik heb nog wel een vraag bij het woord “machteloos”. De brief dateert immers uit 2004 en toen speelde Leefbaar Rotterdam toch nog een dominante rol in de gemeenteraad en het college? Is deze brief dan ook zomaar met kennisgeving aangenomen, zoals bijv. ook met de brieven over de problematiek in de Bonnenpolder is gebeurd?
Bekend is de uitspraak van Churchill over democratie: “Democracy is the worst form of government except for all those others that have been tried”. Het is zaak dat in een lokale democratie volksvertegenwoordigers en bestuurders voldoende capabel zijn om maatschappelijke resultaten te behalen. De praktijk laat helaas nogal eens zien dat er een deskundigheid wordt voorgewend die niet aanwezig is. Ook van de zogenaamde betrokkenheid is vaak maar heel selectief sprake.
Het is dus treurig dat steeds meer mensen hun vertrouwen verliezen in de lokale overheid. Dat uit zich in het geringe aantal mensen die lid zijn van een politieke partij en in de magere opkomstpercentages. “Het maakt niet uit of je door de hond of de kat wordt gebeten”, is een bekende uitspraak. Een andere is “Ik stem Piet, Klaas noch Arie, want het is allemaal larie”.
Tot het voorjaar van 1998 was ik actief in het lokale bestuur van de deelgemeente Hoek van Holland. Ik dacht mij de luxe te kunnen veroorloven een maatschappelijke bijdrage te leveren in het lokale bestuur van het dorp waar ik geboren en getogen ben. Dat was namens een lokale partij die heel pragmatisch wilde werken aan lokale oplossingen voor lokale problemen. Een deelgemeentebestuur op 30 kilometer van de Coolsingel ontleent immers zijn bestaansrecht door van betekenis te zijn voor de eigen inwoners, ondernemers, organisaties en instellingen. Met kennis van de “couleur locale” weet je immers wat er echt speelt en kun je maatwerk leveren. Helaas moest ik toen al constateren dat er ook lieden actief waren waarbij het meer om het spel ging dan om de knikkers, meer bezig waren met fictie dan met feiten en het lokale bestuur beschouwden als een springplank voor een verdere bestuurlijke loopbaan. Terwijl je elders in de samenleving moet voldoen aan opleidingseisen, werkervaring, etc. wordt je in de politiek op andere factoren beoordeeld. Je zult in ieder geval over een flexibel geweten moeten beschikken en een uitstekend gevoel voor p.r. moeten hebben. Een ons presentatie weegt dan meer als een pond prestatie. In een dergelijke cultuur komen nu eenmaal niet de meest geschikte kandidaten bovendrijven. Daarmee wordt onze democratie van binnenuit uitgehold.
De lokale democratie kent voldoende instrumenten om niet “machteloos” te hoeven zijn. Men moet echter wel deze instrumenten kunnen en willen hanteren.