Het laatste van Schriftelijke Vragen

mei 10, 2012
Dierenopvangcentra Rijnmond (n.n.b)

mei 04, 2012
Criminelen op billboards (n.n.b)

mei 02, 2012
Vrijmarkt Coolsingel (n.n.b)

mei 01, 2012
Politiezorg Rozenburg (n.n.b)

april 25, 2012
Bedrijfsreinigingsrecht (n.n.b)

april 24, 2012
Subsidie Megastad FM

april 18, 2012
Naheffing belastingen (n.n.b)

april 18, 2012
Opvanghuis Nora Storm (n.n.b)

april 17, 2012
Hennepplantage in pand WOM (n.n.b)

maart 27, 2012
Rappende homohater (n.n.b)

maart 26, 2012
Vervallen volkstuincomplex Bosdreef (n.n.b)

maart 23, 2012
Wooncarričre Woonbron (n.n.b)


Bbouwplan aan de Burgemeester de Josselin de Jonglaan

Alvorens in te gaan op de vragen zullen wij eerst het feitelijk verloop van de procedure schetsen en de gekozen oplossingsrichting.

Op 23 december 2005 is bij het dagelijks bestuur van de deelgemeente Overschie een bouwaanvraag voor het onderhavige bouwplan ingediend. Omdat hier geen bestemmingsplan van kracht is volgt uit de Woningwet dat de bouwvergunning van rechtswege is verleend, wanneer niet binnen twaalf weken na ontvangst op de aanvraag is beslist. Deze termijn kan eenmaal met ten hoogste zes weken worden verdaagd. Voorts geldt dat de beslissingstermijn wordt opgeschort, wanneer binnen vier weken na ontvangst van de aanvraag om overlegging van aanvullende gegevens wordt verzocht (artikel 47 Woningwet). Deze vier-wekentermijn eindigde op 19 januari 2006. Het verzoek om aanvullende gegevens met betrekking tot de onderhavige bouwaanvraag is echter gedaan op 20 januari 2006. Hierbij is echter niet onderkend dat de beslissingstermijn niet is opgeschort. Immers, op 6 maart 2006 is aan de aanvrager medegedeeld dat de aanvraag in verdere behandeling zou worden genomen, nu de aanvullende gegevens waren ontvangen. Op 3 april 2006 is een verdagingsbesluit genomen, waarna op 8 mei is besloten om de aanvraag af te wijzen. Tegen dit weigeringsbesluit heeft de aanvrager een bezwaarschrift ingediend bij het dagelijks bestuur van de deelgemeente. In dit bezwaarschrift voert hij aan dat door het verstrijken van de fatale beslissingstermijn op 16 maart 2006 van rechtswege bouwvergunning zou zijn verleend (artikel 46 lid 4 Woningwet). Het bezwaarschrift is thans nog aanhangig. Het dagelijks bestuur heeft nog geen beslissing genomen op het bezwaarschrift. Nu de bezwaarschriftenprocedure nog niet is afgerond past een terughoudende opstelling van ons college.

Er wordt gewerkt aan een voor alle partijen aanvaardbare oplossing. Er vinden onderhandelingen plaats tussen de ontwikkelaar, de deelgemeente Overschie en de dS+V. Er wordt onderzoek gedaan naar de mogelijkheden om voor de Maranatha-locatie een nieuw bouwplan te ontwikkelen, dat voor alle partijen aanvaardbaar is. Dit zal een minder omvangrijk gebouw behelzen. De ontwikkelaar stelt zich constructief op. Er wordt gestreefd om voor 1 november 2006 duidelijkheid te hebben over de oplossingsrichting. De afspraken zullen op schrift worden gesteld.

In het hiernavolgende zullen wij de specifieke vragen beantwoorden.

Vraag 1:
Hoe is het mogelijk dat de gemeente een dergelijke fout bewust of onbewust maakt?

Antwoord:
Zoals uit het geschetste verloop van de procedure al blijkt, betreft het hier complexe regelgeving. De termijnen moeten zeer strikt worden nageleefd. Een kleine onzorgvuldigheid kan grote gevolgen hebben. Eén dag kan voor de procedure immers van cruciaal belang zijn. In dit geval heeft een telfout in het aantal dagen geleid tot een vergunning van rechtswege. Er bestaat echter geen enkele aanleiding om aan te nemen, dat deze fout bewust is gemaakt.

Overigens is een vergunning van rechtswege aan te merken als een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Dit brengt met zich, dat belanghebbenden hiertegen rechtsmiddelen kunnen aanwenden. Zij kunnen bezwaar maken en de kwestie eventueel aan de rechter voorleggen. Dit kan tot gevolg hebben dat de van rechtswege verleende bouwvergunning alsnog moet worden herroepen. De gemaakte fout stelt de omwonenden dus niet voor een voldongen feit.

Vraag 2:
Hoe constateert het college dat het een bewuste of onbewuste fout is geweest?

Antwoord:
Er bestaat geen enkele aanleiding te vermoeden, dat deze fout wel bewust is gemaakt. Temeer daar tegen de vergunning van rechtswege kan worden aangevochten door de omwonenden.

Vraag 3:
Wat gaat dit college er aan doen om in de toekomst een dergelijke fout te voorkomen?

Antwoord:
Deze kwestie is uitgebreid aan de orde gesteld binnen de ambtelijke organisatie. Dit heeft ertoe geleid, dat de brieven waarin wordt verzocht om aanvullende gegevens ruimschoots binnen de termijn zullen worden verzonden. Het management ziet hierop toe. Voorts is per 1 augustus jl. de werkwijze bij de ‘intake’ van bouwplannen veranderd. Zo wordt er dagelijks een lijst met de werkvoorraad uitgedraaid. Op deze lijst is duidelijk te zien welke plannen de hoogste prioriteit hebben. Dit zijn de plannen die het langst liggen.

Voorheen werden plannen naar deelgebied verdeeld onder de medewerkers. Deze werkwijze is losgelaten. Er wordt nu gewerkt volgens de methode ‘first in, first out’. Dit leidt tot een eerlijke afhandeling van alle plannen op volgorde van binnenkomst. Hierdoor is een betere termijnbewaking mogelijk.

Vraag 4:
Hoe denkt het college de bewoners te ondersteunen, zodat zij alsnog aan hun inspraakrecht kunnen komen?

Antwoord:
De bewoners van Overschie, die in een eerder stadium hun bedenkingen tegen dit bouwplan hebben geuit, zijn schriftelijk geďnformeerd over deze kwestie. Daarnaast zijn de inwoners van Overschie geďnformeerd middels de gemeentepagina in de Overschiese editie van de Maasstad. Voorts is op de website van Overschie informatie geplaatst. In alle informatie wordt aangegeven op welke wijze de bewoners hun rechten kunnen doen gelden.

Vraag 5:
Is het college bereid om de extra kosten die de bewoners moeten maken in verband met die gemaakte fout te betalen, alsook de eventuele komende kosten van een advocaat?

Antwoord:
Eventuele bezwaarmakers hebben de mogelijkheid om in de bezwaarschriftenprocedure om een kostenvergoeding voor verleende rechtsbijstand te verzoeken (artikel 7:28 van de Algemene wet bestuursrecht). Op een dergelijk verzoek wordt besloten in de beslissing op bezwaar. Wij zien geen aanleiding om in aanvulling hierop tot kostenvergoeding over te gaan. Hierbij wordt nog opgemerkt, dat de wijze van rechtsbescherming tegen een vergunning van rechtswege niet verschilt ten opzichte van de rechtsbescherming voor een normale bouwvergunning of weigering daarvan. De rechtspositie van de omwonenden is in beide gevallen gelijk.

Vraag 6:
Zou het in deze niet beter zijn dat het college de hele procedure naar zich toetrekt om dit soort fouten in de toekomst te voorkomen, om de bewoners tevreden te kunnen stellen?

Antwoord:
Wij schetsten hiervoor al dat in samenwerking met de ontwikkelaar wordt gezocht naar een nieuwe invulling van de locatie. De gemeente vervult hierbij een actieve rol. Om dit proces in goede banen te leiden is van gemeentewege een projectleider benoemd, hetgeen normaliter niet gebeurt bij particuliere initiatieven zoals thans aan de orde. De projectleider streeft naar een voor alle partijen aanvaardbare oplossing. Er wordt aldus vanuit de gemeente een extra inspanning geleverd om tot een goede oplossing te komen.

Burgemeester en Wethouders van Rotterdam,

De Secretaris, De Burgemeester,


A.H.P. van Gils J. Kriens, l.b.

Behandelend ambtenaar: M. van Kruiningen