Home > Informatie > Nieuwsberichten
Maandag, 26 november 2018

Leefbaar stelt schriftelijke vragen over handhaving boerkaverbod in Rotterdam




Aan het College van Burgemeester en Wethouders
Stadhuis Rotterdam
Coolsingel 40
3011 AD Rotterdam

Rotterdam, 25 november 2018

Schriftelijke vragen ter schriftelijke beantwoording
Betreft: Handhaving boerkaverbod Rotterdam

Geacht college,

In juni van dit jaar ging de Eerste Kamer akkoord met een verbod op het dragen van gezichtsbedekkende kleding, waaronder boerka’s en nikabs, in overheidsgebouwen, het openbaar vervoer, zorg- en onderwijsinstellingen. Wanneer dit gedeeltelijke boerkaverbod (zoals de maatregel bekendstaat) officieel van kracht wordt is nog onbekend, maar wat Leefbaar Rotterdam betreft is het een goede eerste stap richting een volledig verbod op het dragen van boerka’s en nikabs in het openbaar.

Afgelopen vrijdag veroorzaakte de Amsterdamse burgemeester Halsema ophef door tijdens een bijeenkomst in Slotervaart aan te geven dat Amsterdam het boerkaverbod naast zich neer zal leggen: “Je kunt ervan op aan dat ik niet zal toestaan dat wij daar in Amsterdam gevolg aan geven. Dat gaan we niet doen”. Later op de avond liet Halsema bij monde van haar woordvoerder weten dat zij de wet zal volgen, maar geen prioriteit geeft aan de handhaving ervan. Sterker nog: het handhaven van het boerkaverbod komt “helemaal onderaan” haar prioriteitenlijstje. Halsema verwees hierbij naar burgemeester Aboutaleb die een vergelijkbaar standpunt zou hebben. Op zondag liet burgemeester Aboutaleb via een woordvoerder aan De Volkskrant weten dat de Nederlandse wet ook in Rotterdam geldt, “maar ook bij ons zal het niet de hoogste prioriteit hebben. Het zal niet iets zijn waarvoor agenten speciaal de straat opgaan”.

Leefbaar Rotterdam vindt deze houding ongepast voor de burgemeester, die met zijn opmerkingen de indruk wekt het boerkaverbod maar niets te vinden en onderscheid denkt te kunnen maken tussen eersterangs en tweederangs wetgeving. Deze lijn lijkt tevens een afzwakking van uw opstelling in 2011, toen u op vragen van Leefbaar Rotterdam liet weten dat een eventueel boerkaverbod “zal worden toegevoegd aan de lijst met onderwerpen waarop de politie handhaaft” en met geen word repte over de lage prioriteit die het boerkaverbod tegenwoordig kennelijk voor u heeft. Boerka’s en nikabs brengen niet alleen een evident veiligheidsrisico met zich mee, maar zijn tevens een beklemmend symbool van vrouwenonderdrukking dat niet in Nederland thuishoort. Het boerkaverbod moet daarom met kracht gehandhaafd worden.

Wij hebben hierover de volgende vragen aan het college:

1. Kloppen de uitspraken van uw woordvoerder in De Volkskrant? Zo nee, wat is dan wel uw opvatting over het handhaven van het boerkaverbod in Rotterdam?
2. Zo ja, waarom geeft u bij voorbaat aan geen prioriteit te geven aan het handhaven van deze wet?
3. Bent u het met ons eens dat uw opmerkingen deze wet ondermijnen? Zo nee, waarom niet?
4. Waarom denkt u onderscheid te kunnen maken tussen, in uw ogen, eersterangs en tweederangs wetgeving? Op basis waarvan maakt u die afweging? Graag een toelichting.
5. Waarom heeft het handhaven van het boerkaverbod geen prioriteit voor u?
6. Hoe verklaart u uw huidige opstelling ten opzichte van uw antwoorden uit 2011, waarin u geen blijk gaf van de lage prioriteit die het handhaven van het boerkaverbod tegenwoordig kennelijk voor u heeft?
7. Deelt u onze opvatting dat boerka’s en nikabs veiligheidsrisico’s met zich meebrengen en tevens het ultieme symbool van vrouwenonderdrukking zijn? Zo nee, waarom niet?
8. Wilt u e.e.a. zo snel mogelijk rechtzetten en garanderen dat u het boerkaverbod in Rotterdam met kracht zult handhaven? Zo nee, waarom niet?

Met vriendelijke groet,

Joost Eerdmans
Tanya Hoogwerf

Laatste nieuws