Home > Informatie > Nieuwsberichten
Donderdag, 08 oktober 2020

De gemeenteraad gaat uiteindelijk over de cultuursubsidie


Bron: NRC Handelsblad. Door: Geert Koster

Na de wethouder mag nu de Rotterdamse gemeenteraad zich uitspreken over de cultuursubsidies voor de komende jaren. Dat is lastig omdat het adviessysteem ondoorzichtig is, zegt Geert Koster. En in de criteria die de RRKC hanteert wordt onvoldoende rekening gehouden met het grote publiek.

De coronacrisis raakt ook de Rotterdamse cultuursector keihard. Bij vooraanstaande culturele instellingen De Doelen, Ahoy en Luxor wordt personeel op straat gezet. Daarbij komt nog de donkere wolk die in de vorm van Boijmans van Beuningen boven Rotterdam hangt. De kosten van de verbouwing van het gedateerde en gemankeerde gebouw zijn tot dusver beraamd op minstens 169 miljoen euro, waar nog eens 40 à 50 miljoen bovenop moet om tot het architectonische hoogstandje te komen dat het museum en het Rotterdamse college nastreven. De externe financiering hiervoor is echter bij lange na nog niet gevonden. Het project dat Rotterdam een culturele impuls had moeten geven, is verworden tot een schimmig achterkamertjesdossier onder aanvoering van een weifelende cultuurwethouder Kasmi die geen leiderschap toont.

Onder dit gesternte buigt de gemeenteraad zich op basis van het cultuurplanadvies van de Rotterdamse Raad voor Kunst en Cultuur (RRKC) ook nog eens over de cultuursubsidies voor de komende jaren. De traditionele karavaan van jubelende instellingen die een flinke berg subsidie in het vooruitzicht is gesteld én verliezers, met het dolende Museum Rotterdam als bekendste voorbeeld, trekt dezer dagen langs de Coolsingel om de raad van hun meerwaarde voor de stad te overtuigen.

Door de beperkte middelen vormt de verdeling van de cultuurbudgetten een grote financiële puzzel. Schaarste vraagt om duidelijke en transparante keuzes. Maar juist daaraan ontbreekt het in het subsidiecircus dat momenteel op volle toeren draait.

Om te beginnen maakt het Rotterdamse subsidiebeleid veel culturele instellingen lui. Van het beschikbare budget wordt zo’n 46 miljoen blind overgemaakt naar acht geprivilegieerde culturele instellingen, waaronder bijvoorbeeld Theater Zuidplein, De Doelen, het Luxor Theater en de Kunsthal, die door de gemeente tot ‘Rotterdamse Culturele Basis’ (RCB) zijn gedoopt. Voor alle andere culturele instellingen blijft 40 miljoen over.

Hoe belangrijk deze RCB-instellingen ook zijn; puur op status financieren dempt iedere prikkel om te innoveren en permanent te blijven inspelen op de behoefte van het Rotterdamse publiek. Zoals de toonaangevende internationale adviesraad IABX al in 2017 concludeerde: het ontbreekt in Rotterdam aan een echte topper. Het subsidiebeleid van de gemeente stimuleert hierin op geen enkele manier verandering. De RCB leidt bovendien tot de vreemde situatie dat het gros van de cultuursubsidies naar instellingen gaat die niet voldoen aan de criteria van de RRKC en het stadsbestuur, waaraan andere instellingen wél moeten voldoen om voor subsidie in aanmerking te komen.

Over deze zweverige criteria, te weten ‘interconnectiviteit’, inclusiviteit en innovatie, gesproken: die moeten ook op de schop. Met name het criterium inclusiviteit leidt tot wanstaltige en regelrecht discriminatoire taferelen. In plaats van instellingen puur op hun culturele aanbod en aantrekkingskracht op het Rotterdamse publiek te beoordelen, worden hun personeelsbestanden langs de deugmeetlat gelegd. Te veel blanke mannen? Zeg maar dag tegen je subsidie. „Vooral waar het gaat om het diverser maken van het personeelsbestand en de raad van toezicht blijft Boijmans in gebreke”, zo stelt de RRKC bijvoorbeeld. Niet de kunst aan de muur, maar de kleur van de secretaresse is kennelijk van primair belang voor de cultuurbobo’s die het belastinggeld mogen verdelen. Het is stuitend hypocriet dat deze etnische profilering in de gemeenteraad op applaus kan rekenen van de partijen die doorgaans hijgerig vooraan staan om onze politieagenten door het slijk te trekken met beschuldigingen van dergelijke praktijken. Gedachte-experimentje: hoe zouden deze partijen reageren als een Leefbaar-college organisaties op hun subsidie zou korten omdat er te veel allochtonen werken?

De enige inclusiviteit waarop instellingen beoordeeld zouden moeten worden is of zij een breed publiek aan zich weten te binden. Belastinggeld moet worden aangewend voor cultuur waar álle Rotterdammers van kunnen genieten.

Ook de totstandkoming van het cultuurplan rammelt aan alle kanten. Zowel door de RRKC als door de wethouder is geen hoor en wederhoor toegepast. In het uiteindelijke cultuurplan zijn bovendien enkele wijzigingen opgenomen die met een of twee zinnetjes worden verklaard. Zo is er ineens toch budget voor de Architectuur Biënnale. Waarom? En waarom niet voor publiekstrekkers als het Gergiev-festival of Jazz International? Dit wekt de schijn dat het plan op basis van subjectieve persoonlijke voorkeuren wordt aangepast. Het moet echt veel transparanter.

Daarnaast moet de gemeente zich concentreren op de kunst en cultuur zelf. Het openhouden van het impopulaire Museum Rotterdam is geen doel op zich. Het behouden van een deel van de collectie daarentegen wél. De collectie van het ‘40-‘45 Museum verdient een betere plek dan weggestopt bij metrostation Coolhaven. Meer Rotterdammers, met name jongeren, zouden hier naartoe moeten. Idem dito voor de collectie die nu in het Timmerhuis staat en prima in de nieuwe bibliotheek of het nieuwe Boijmans zou passen.

Tot slot moet de gemeente veel meer regie durven nemen. De gemeente kan geen speelbal blijven van instellingen die bestaan bij de gratie van de subsidie die ze van diezelfde gemeente ontvangen. Dat we een lijdzame toeschouwer zijn bij een kostbare en ingrijpende verbouwing zoals die van RCB-icoon Boijmans van Beuningen is te gek voor woorden. Zéker aangezien we eigenaar zijn van het gebouw en de collectie. Inhoudelijke culturele afwegingen zijn aan het museum zelf, maar bij belangrijke beslissingen over de financiering moet de gemeente gewoon doorslaggevende invloed afdwingen.

Voor dit alles is leiderschap nodig. En dat is misschien nog wel de grootste culturele omslag die deze gemeente moet maken.

Geert Koster, lid gemeenteraad voor Leefbaar Rotterdam.

Laatste nieuws