Home > Informatie > Nieuwsberichten
Dinsdag, 21 januari 2020

Column Geert Koster: Kopzorgen over het Rotterdams klimaatakkoord




Teveel onzekerheid voor de werkgelegenheid en de economie; de oneerlijk verdeelde druk die tot onnodige last voor de Rotterdammers leidt; het onnodig afschrijven van gas en het ontbreken van een totaalvisie op de energiemix. Het zijn onze belangrijkste kritiekpunten op het recent door wethouder Arno Bonte (Groen Links) gepresenteerde klimaatakkoord.

Leefbaar Rotterdam is de partij van de groene, leefbare omgeving. Wij hebben recent een initiatiefvoorstel ingediend om meer bomen te planten in de stad. Wij zijn de partij die hebben voorgesteld serieus te kijken naar de ontwikkeling van een thoriumcentrale.

We ontkennen geen klimaatverandering, maar we zijn ook zeker geen klimaatgelovigen die denken dat de aarde over een paar jaar vergaat door klimaatverandering.

De energietransitie zou een ‘vliegwiel voor nieuwe bedrijvigheid en extra banen’ zijn. Er wordt gerept van ‘extra banen’. Aan het einde van ieder hoofdstuk van het Rotterdamse klimaatakkoord staat een doorrekening van de effecten die de voorgestelde maatregelen hebben op de uitstoot van CO2. Nergens in het stuk is echter ook maar de minste informatie over de effecten van de maatregelen op de arbeidsmarkt en werkgelegenheid te vinden.

De haven zorgt voor 385.000 (direct en indirecte) banen. Die staan op het spel. De paar duizend banen in de windindustrie kunnen dit niet compenseren. Wethouder Bonte beaamde dat de werkgelegenheid niet is doorgerekend. Daar schrik ik van. De CO2-besparing heeft DCMR keurig doorgerekend, maar de effecten op de werkgelegenheid zijn “niet aan de orde geweest”

Tja.

Collega-raadslid René Segers-Hoogendoorn schreef in een recente column in deze krant: “Als je voorstellen doet die je populair maken, maar niet nagedacht hebt over de uitvoerbaarheid daarvan. Dan bedrijf je wat mij betreft politiek met een kleine ‘p’.”[1]

De oneerlijk verdeelde druk

Uit de doorrekening die DCMR heeft gemaakt komt naar voren dat de in het Rotterdams Klimaatakkoord opgenomen maatregelen (lopend en nieuw) in 2030 een verwachte CO2-reductie opleveren van 13,5 Megaton.

Een zeer beperkt deel moet komen van de bebouwde omgeving: slechts 0,4 megaton CO2-reductie. Dat wordt behaald door bijvoorbeeld huizen van het gas af te halen. Tegelijkertijd is dit buitengewoon complex door de grote hoeveelheid partijen die hierbij betrokken zijn en nieuwe vragen en belangenafwegingen die zichtbaar worden in dit proces. Het raakt ook direct aan de leefomgeving van de Rotterdammer en ondernemers.

Wij zien liever dat meer nadruk wordt gelegd op het goed isoleren van bestaande woningen. In het klimaatakkoord staat alleen dat makelaars een toolbox aan hun klanten kunnen geven. Wat hebben Rotterdammers daaraan die niet van plan zijn te verhuizen? Hier kan nog veel bereikt worden. Bovendien is isoleren een stuk goedkoper dan huizen van het gas te halen.

Onnodig afschrijven van gas

Het is bijna niet uit te leggen dat Nederlandse huizen van het gas af gaan terwijl in Duitsland huizen gesubsidieerd op het gas worden aangesloten. Het is onbegrijpelijk dat wij lezen dat wethouder Bonte tegelijkertijd een topman van een scheepvaartbedrijf huldigt omdat die scheepvaart op gas promoot.

Gas is een relatief schone brandstof en daar moeten wij niet te snel afscheid van nemen.

Toch nemen wij helemaal geen afscheid van het gas. De gaswinning in Groningen wordt in weliswaar in 2022 stopgezet, maar in Rotterdam gaat de gaswinning gewoon door. In Pernis wordt aardgas uit de grond gehaald. 15 jaar geleden is een vergunning afgegeven die moet nu verlengd worden. Er is zelfs een voorlopige vergunning afgegeven waarbij de totale productie hoger zal uitkomen dan de maximaal toegestane eindproductie volgens het geldend winningsplan.

Duidelijk is dat het gasbeleid van zowel de landelijke als de lokale overheid – eerder nog dan het vuurwerkbeleid – herziening behoeft.

Het ontbreken van een totaalvisie op de vereiste energiemix

Kolen- en gascentrales worden vervangen door “duurzame” biomassa, echter het is de vraag of deze biomassa niet zelfs vervuilender is dan kolen. In Duitsland moet de laatste kolencentrale uiterlijk in 2038 worden gesloten. In Nederland moet dat veel eerder. Waarom is onduidelijk. Het op korte termijn sluiten van een kolencentrale leidt onherroepelijk tot problemen in de energievoorziening.

Zonder een stabiele energiebron (gas-, kolencentrale of kernenergie) ontstaat straks een gigantisch probleem. Wind en zon zijn namelijk geen stabiele energiebron op. Het opslaan van zon- en windenergie in waterstof is mogelijk maar niet efficiënt. Liefst 2/3 van de energie gaat verloren bij het omzettingsproces.

Met alleen wind en zon redden we het dus niet.

Daarom pleiten steeds meer mensen – ook ter linkerzijde – voor het bouwen van kerncentrales. Met politieke wil staat er binnen 10 jaar een goed functionerende kerncentrale, dus ruim voordat de laatste kolencentrale in Duitsland sluit. Een thoriumcentrale zou binnen 20 jaar werkzaam kunnen zijn.

Zoals voormalige minister Ronald Plasterk – u weet van de PvdA – onlangs liet weten: “[het] duurt nog even voor milieufederaties gaan pleiten voor kernenergie, nu ze de verwoestende alternatieven zien. Mega-zonneparken, stalen panelen waar voorheen grutto’s nestelden. Idem voor Waddenzee/Noordzee vol windmolens en ze lossen het probleem niet op.”

I couldn’t have said it better.

Het dagelijkse leven in 2030

Geen vuurwerk, geen BBQ of kachel, rijden in een elektrische deelauto en als klap op de (verboden|) vuurpijl maar twee keer per week een lapje vlees. Je moet het maar allemaal durven voor te stellen.

In mijn jeugd liep men in t-shirts van Rage against the machine met de tekst “fuck you I don’t do what you tell me.”

Het wordt hoog tijd om die shirts weer uit de mottenballen te halen. Het wordt tijd voor wat ouderwetse burgerlijke ongehoorzaamheid!


[1] https://dagblad010.nl/Columns/politiek-met-een-grote-p-

Laatste nieuws