Beantwoording schriftelijke vragen over tekort deskundigheid psychische problematiek op wijkniveau


Beantwoording van de schri?ftelijke vragen van het raadslid C. Aafjes - van Aalst (Leefbaar Rotterdam) over tekort deskundigheid psychische problematiek op wijkniveau.

Aan de Gemeenteraad.

Op 16 augustus 2018 stelde C. Aafjes - van Aalst (Leefbaar Rotterdam) ons schri?ftelijke vragen over Tekort deskundigheid psychische problematiek op wijkniveau (18bb6324).
Inleidend wordt gesteld:

“Vandaag presenteerde Nivel de resultaten van een onderzoek naar de deskundigheid inzake de zorg voor personen met complexe psychische problematiek op wijkniveau. Hieruit stijgt een zorgelijk beeld op. Door driekwart van de ondervraagde zorgverleners worden knelpunten ervaren in de zorg voor deze personen in de wijk. Ze geven aan sterk behoefte te hebben aan meer specifieke deskundigheid en kennis inzake deze problematiek binnen het wijkteam. Ook zouden zij in veel gevallen zelf bijgeschoold willen worden om op wijkniveau effectiever te kunnen signaleren, ondersteunen en doorverwijzen naar specialistische zorg. Voorts pleiten zij ook voor betere en bredere samenwerking tussen de betrokken partijen binnen de wijk, waarbij Nivel onder andere de gemeente, corporaties, politie en GGZ noemt. Tot slot pleiten de gee?nque?teerde professionals voor meer maatwerkvoorzieningen vanuit de gemeente. Sinds de beddenreductie in de GGZ door toenmalig minister Schippers neemt het aantal incidenten met verwarde personen hand over hand toe, met 2017 als voorlopig recordjaar. Het signaleren van en adequaat inspelen op complexe psychische problematiek op wijkniveau is daarom zeker in deze tijd van zeer groot belang. Ik heb daarom de volgende vragen aan het college.”

Hieronder volgen de vragen en onze beantwoording:

Vraag 1:
Wat is uw reactie op de bevindingen van Nivel?

Antwoord:
Het Nivel onderzoek is een gedegen landelijk vragenlijstonderzoek onder verpleegkundigen, verzorgenden, begeleiders en prakiijkondersteuners. De conclusies en aanbevelingen zijn waardevol maar algemeen en niet specifiek voor de Roiterdamse situatie.

Vraag 2:
Herkent u het beeld dat er momenteel onvoldoende specifieke Kennis en deskundigheid inzake (complexe) psychische problematiek aanwezig is in de wijkteams? Zo nee, hoe rijmt u dit met de beleving van de ondervraagde
professionals?

Antwoord:
Nee, dat beeld wordt niet herkend. Elk wijkteam is voorzien van GGZ specialisten waarmee de kennis en deskundigheid op het onderwerp binnen de generalistische werkwijze wordt geborgd. Iedereen werkzaam in Wijkteam en VraagWijzer moet GGZ problematiek kunnen herkennen en ervoor kunnen zorgen dat hulpverlening door specifieke deskundige wordt opgepakt. Voor jeugd was dit bij aanvang in 2015 geregeld, voor volwassenen is dit vanaf 2017 in gang gezet. Elke GGZ-specialist heeft minimaal een HBO opleiding afgerond en minstens 2 jaar werkervaring bij een GGZ instelling opgedaan. Het overdragen en op peil houden van deze kennis in het wijkteam behoort tot het takenpakket van de GGZ-specialist en wordt periodi?eK gee?valueerd. Nivel concludeert overigens dat er in wijkteams evident minder knelpunten zijn wanneer deze zijn voorzien van GGZ deskundigen.

Vraag 3:
Deelt u de observatie dat het traject van signaleren, ondersteunen en doorverwijzen effectiever kan door middel van bredere en intensievere samenwerking tussen zorgverleners en andere partijen die in de wijk actief zijn, waaronder de gemeente, corporaties, de politie en de GGZ? Zo nee, waarom niet?
Zo ja, op welke wijze maakt u hier werk van?

Antwoord:
Ja. deze observatie wordt zeker gedeeld. Vanuit de wijkteams en het wijknetwerk wordt er om deze reden met diverse ketenpartners samengewerkt, zoals politie, woningbouwcorporaties, huisartsen en GGZ zorgaanbieders. Daarbij is er een duidelijke verbinding met het Veiligheidshuis en de lokale veiligheidsprofessionals. Deze samenwerking is niet vanzelfsprekend en moet onderhouden worden. De wijkschakels Zorg en Veilig, waarover u onlangs per brief bent gei?nformeerd (18bb6800) gaan hier ook een belangrijke bijdrage aan leveren.

Vraag 4:
Deelt u de analyse dat er vanuit de gemeente meer op de personen in kwestie gerichte maatwerkvoorzieningen nodig zijn? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welke wijze maakt u hier werk van?

Antwoord:
Nee, deze analyse wordt niet gedeeld. Op grond van onze eigen analyse en op basis van het Rekenkamer onderzoek blijkt dat met de invoering van de Wmo wij meer Rotterdammers bereiken die ondersteuning nodig hebben. De toename is ook te zien bij mensen met problemen op het gebied van GGZ. Daarnaast is vanuit de Wmo- inkoop voldoende voorzien in maatwerkvoorzieningen voor de doelgroep (O)GGZ (waaronder o.m. de subdoelgroepen dak- A? thuisloze volwassenen, jongeren en gezinnen)

Vraag 5:
Bent u het met ons eens dat de bevindingen van Nivel over het ontbreken van voldoende specifieke kennis en deskundigheid inzake psychische problematiek in lijn zijn met de bevindingen van het Rekenkamerrapport ‘Het komt niet in de Buurt’, waarin wordt aangegeven dat bij de deskundigheidsbevordering van wijkteammedewerkers maatwerk nodig is die aansluit op hun specifieke behoeften en het OBl-onderzoek ‘Evaluatie Nieuw Rotterdams Jeugdstelsel - Tussenmeting’ waarin werd opgetekend dat de scholing van wijkteammedewerkers te generiek is? Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoe gaat u hierop inspelen?

Antwoord:
Zoals aangegeven is de GGZ-deskiindigheid en kennis binnen de wijkteams goed geborgd. Wijkteams met specifieke GGZ deskundigheid lopen hierin voorop, zo concluderen de Nivel onderzoekers. Maatwerk is echter belangrijk. Reden waarom wij de aanbeveling uit het Rekenkamerrapport omarmen om scholingsbehoeften beter aan te laten sluiten bij individuele behoeften van medewerkers. Daarnaast blijven we vanuit het scholingsprogramma inzetten op deskundigheidsbevordering, specifiek op GGZ deskundigheid. Overigens is ook veel GGZ expertise voorhanden bij de stedelijke georganiseerde zorg vanuit de gemeente. Deze bedienen ook een belangrijk deel van de doelgroep.

Vraag 6:
Wilt u deze vragen beantwoorden vo?o?r de commissievergadering over het rekenkamerrapport?

Antwoord:
Ja.

Burgemeester en Wethouders van Rotterdam,

De burgemeester,
A. Aboutaleb

De secretaris,
C.M. Sjerps

Meest recente schriftelijke vragen

24 september 2019
Sluiting rangeerterrein Waalhaven (n.n.b)
17 september 2019
Sluitingstijd terrassen Eurekaweek (n.n.b)
3 september 2019
Toename klanten voedselbank (n.n.b)
3 september 2019
Papierprikken (n.n.b)

Laatste nieuws