Verkiezingsprogramma
Leefbaar Rotterdam 2006-2010
1. Inleiding
2. Iedere Rotterdammer moet zich veilig kunnen voelen
3. Iedere Rotterdammer die hulp nodig heeft, krijgt hulp
4. Iedere wijk voor iedere Rotterdammer aantrekkelijk om te wonen
5. Iedere Rotterdammer die kan werken, moet aan het werk
6. Iedereen die in Rotterdam woont, moet ook Rotterdammer worden
7. Iedere school voor ieder Rotterdams kind toegankelijk
8. Professioneel en efficiënt bestuur voor Rotterdam
9. Slotwoord
_______________________________________________________________
Klik hier voor het.Pdf document
_______________________________________________________________
Leefbaar Rotterdam doet wat Pim Fortuyn zei
Rotterdam verpauperde. Hele wijken gingen ten onder aan onveiligheid en wie niet kon vluchten, moest zich zelf zien te redden. Maar dat mocht vooral niet gezegd worden: dat was immers politiek niet correct. Pim Fortuyn stelde die situatie aan de kaak. Hij stond aan de wieg van het huidige collegeprogramma Het nieuwe elan van Rotterdam…en zo gaan we dat doen!
De moord op Pim maakte geen einde aan de beweging die hij op gang bracht. In politiek Den Haag is er weinig overgebleven van zijn idealen, maar in Rotterdam staat zijn erfenis fier overeind. Daar hielden zijn erfgenamen zich niet met politiek gekonkel bezig, maar stroopten de mouwen op en gingen aan de slag. Pragmatisme heet dat, of in gewoon Rotterdams: geen woorden, maar daden!
Leefbaar Rotterdam maakte korte metten met de regentenmentaliteit op het stadhuis. Leefbaar Rotterdam zorgde voor een wethouder Veiligheid en maakte de stad ook merkbaar veiliger. De plekken die het meest verloederden, de Hotspots, zijn aangepakt. De veiligheid op het Centraal Station verbeterde sterk en er zijn weer conducteurs op de trams.
Het kostte bloed, zweet en tranen om de zinkende mammoettanker Rotterdam weer zeewaardig te maken en op koers te leggen. Maar er is nog een lange weg te gaan. Het zou dan ook catastrofaal zijn als er na de gemeenteraadsverkiezingen weer brokkenkapiteins het bevel gaan voeren. Rotterdammers die van hun stad houden kunnen dat verhinderen. Hieronder in zeven hoofdpunten de koers die Leefbaar Rotterdam wil blijven varen:
1. Iedere Rotterdammer moet zich veilig kunnen voelen
2. Iedere Rotterdammer die hulp nodig heeft, krijgt hulp
3. Iedere wijk voor iedere Rotterdammer aantrekkelijk om te wonen
4. Iedere Rotterdammer die kan werken, moet aan het werk
5. Iedereen die in Rotterdam woont, moet ook Rotterdammer worden
6. Iedere school voor ieder Rotterdams kind toegankelijk
7. Professioneel en efficiënt bestuur voor Rotterdam
Het is geen discussie dat leefbaarheid in grote mate veiligheid betekent. Angst in het openbaar vervoer, of ’s avonds op straat, angst voor hangjongeren, drugsdealers, overlastgevers of moslimextremisten is voor Leefbaar Rotterdam eenvoudigweg onacceptabel.
Leefbaar Rotterdam verwacht van de politie zero-tolerance op prioriteiten. Zolang de pakkans voor een parkeerovertreding hoger ligt dan die voor een auto-inbraak, zijn de prioriteiten verkeerd gesteld. Iedere Rotterdammer kent de onveilige plekken in zijn wijk. De politie kent ze ook, maar zegt zonder overtreding niets te kunnen doen. Op veiligheidsgebied is nog steeds veel op een gebrekkige, tegenstrijdige wijze georganiseerd. Administratief personeel zou de papieren rompslomp waartoe agenten verplicht zijn bijvoorbeeld veel beter kunnen doen.
Voor Leefbaar Rotterdam is de overlast die een grote groep Rotterdammers ondervindt belangrijker dan begrip voor de daders. Het aantal kleine criminelen, intimiderende hangjongeren en rotzooitrappers is relatief klein, maar het effect op de gevoelens van onveiligheid is enorm. Leefbaar Rotterdam eist dat de politie die groepen dusdanig op de huid zit dat ze er voortaan van afzien overlast te veroorzaken, of achter slot en grendel verdwijnen.
In Rotterdam moet je niet iets kunnen flikken zonder dat iemand erachter komt. De pakkans moet dus veel groter worden. Dit kan door soms simpele technische aanpassingen en een andere mentaliteit bij uitvoerders op straat. Een voorwaarde is niet te krampachtig om te gaan met privacywetgeving. Voor Leefbaar Rotterdam is veiligheid van de burgers belangrijker dan de privacy van criminelen. Psychiaters, huisartsen, hulpverleners, docenten, notarissen, banken, verzekeraars en advocaten houden nu nog te vaak belangrijke informatie vast op basis van beroepsafspraken of de wet op de privacy.
Het Rotterdamse stadsbestuur moet maximale invloed hebben op de veiligheid in de stad. Toezicht en handhaving moeten slimmer en beter. Daarom wil Leefbaar Rotterdam een gemeentelijke Handhavingsdienst in het leven roepen. Die dienst controleert bijvoorbeeld op illegale bewoning en inschrijving in het bevolkingsregister en neemt taken over van Reinigingspolitie, Leerplicht en Stadstoezicht. Op wijkniveau functioneert de Handhavingsdienst als de ogen en oren van de politie. De politie houdt zich dan uitsluitend bezig met haar kerntaken: het oplossen van zaken, het aanhouden van verdachten en het handhaven van de wet. Voorwaarde om de wet goed te kunnen handhaven is herstel van het gezag van de politie. Wat Leefbaar Rotterdam betreft gaat de politie veel vaker in burger actief op zoek naar misstanden in plaats van te wachten op aangiftes. Het is absurd dat agenten nu grote delen van hun tijd vergaderen. Een andere manier om te zorgen dat de politie zich meer op kerntaken richt, is administratief personeel datgene te laten doen waar het goed in is: de administratieve taken van het politiewerk. De agenten kunnen dan achter hun bureau vandaan komen en de straat op gaan. Door deze twee maatregelen zal een Rotterdamse politieagent nooit meer zaken door de vingers hoeven te zien door tijdgebrek.
Preventie is niet altijd vrijblijvend
Leefbaar Rotterdam wil ingrijpen in het leven van mensen voordat het te laat is. Preventie is cruciaal en dus niet altijd vrijblijvend. Bij etterbakken die de boel verstieren, crimineel zijn, mensen bedreigen, uitschelden en lastig vallen, zien velen de ellende allang aankomen. Leefbaar Rotterdam wil bij jeugdoverlast eerder en met dwang ingrijpen. Er moet een keiharde aanpak komen voor risicovolle en overlastgevende jongeren. Ouders van kinderen die de vernieling ingaan, moeten verplicht deelnemen aan gezinsondersteuning.
Eerder ingrijpen is ook belangrijk voor het bestrijden van drugsoverlast. Nu wordt er gedweild met de kraan open. Leefbaar Rotterdam wil gedwongen opname en behandeling van psychiatrische patiënten en verslaafden. Het liefst in afkickboerderijen buiten de stad; in Groot-Brittannië zijn daar goede ervaringen mee opgedaan, dus waarom zelf het wiel opnieuw uitvinden?
In Nederland heb je het recht en de vrijheid om langzaam, pijnlijk, eenzaam, dakloos, zonder familie en vrienden en aan alle kanten rammelend dood te gaan. Dat moet maar eens afgelopen zijn. Voor een psychiatrische situatie kies je niet. Je bent gewoon ziek en bij dat ziektebeeld hoort dat je de verkeerde beslissingen neemt en dingen doet die slecht zijn voor jou en je omgeving. Verslaafden hebben ooit uit vrije wil hun eerste pil, shot of snuif genomen. Wanneer niet jijzelf, maar je verslaving bepaalt welke keuzes je maakt en wat je op een dag uitvreet, dan is het niet langer een vrije keus. Zowel voor deze mensen zelf als voor de samenleving is er maar één optie: gedwongen ingrijpen. Nu kosten behandelingen veel geld en is de inzet van de politie onevenredig groot gezien de omvang van de groep waar het om gaat. Reden te meer dus om de vrijheid te beperken.
Leefbaar Rotterdam tolereert geen geweld. Vanwege het buitensporige geweld tegen vrouwen en kinderen wil Leefbaar Rotterdam een keiharde aanpak van seksueel en huiselijk geweld, eerwraak, loverboys, kindermishandeling en kinderverwaarlozing. Bij kindermishandeling moeten kinderen direct uit huis worden geplaatst. In Nederland krijgen ouders jarenlang de kans om keer op keer te bewijzen dat ze hun kinderen in de ellende storten. Dat moet afgelopen zijn. Voor mensen die kiezen voor het verkeerde pad, moeten de straffen hoger en effectiever. Het kan niet zo zijn dat criminelen na aanhouding meteen weer de straat op mogen. Voor het beter sanctioneren en een goede preventie zullen wetten moeten worden aangepast. Waar nodig moet de gemeente zelf sanctioneren met uitkeringen, politiedetentie en boetes.
Rotterdammers zijn uiteindelijk ook zelf verantwoordelijk voor de veiligheid in hun straat, wijk en stad. Leefbaar Rotterdam vindt dat Rotterdammers zelf aan de slag moeten kunnen met hun ideeën voor het verbeteren van veiligheid in de wijk, zonder dat ze tegen bureaucratische muren oplopen. Als burgers verdachte kentekens of panden doorgeven, of vragen om een snelheidscontrole in hun wijk, dan moet daar actie op volgen.
Leefbaar Rotterdam wil:
- dat de politie in de gehele stad preventief kan fouilleren
- wapeninleveracties op probleemscholen
- mobiele politieposten in probleemwijken
- dat er een gemeentelijke Handhavingsdienst komt
- dat agenten zo min mogelijk tijd aan administratief werk besteden
- dat er bij jeugdoverlast eerder én met dwang wordt ingegrepen
- gedwongen opname en behandeling van verslaafden in afkickboerderijen
- aparte aanpak van seksueel en huiselijk geweld, eerwraak, loverboys en kindermishandeling
De gemeente moet mensen die om hulp vragen serieus nemen. Wie door gezondheidsredenen buiten de boot valt, moet goede opvang krijgen. Wie misbruik maakt van deze opvang, moet worden aangepakt. Dat geldt zowel voor de zorg als voor het misbruik maken van uitkeringen. Wie zich door gedrag opzettelijk uitsluit van inkomen uit werk door zich niet aan te passen aan de eisen van de Nederlandse werkcultuur verspeelt het recht op een uitkering.
Ouderen die zich decennia lang hebben ingezet voor Rotterdam moeten in de watten gelegd worden. Welzijnswerk is er alleen voor diegenen die willen. Voor wie niet wil deugen, is er een harde aanpak.
Goede bedoelingen leiden maar al te vaak tot averechtse gevolgen. Geld komt niet terecht bij de diegenen voor wie het bedoeld is. Hulpverleners blijven tegen beter weten in investeren in mensen die hun gedrag nooit en te nimmer zullen veranderen. Leefbaar Rotterdam blijft het hulpverlenerscircuit, dat vaak de neiging heeft zichzelf aan het werk te houden, scherp in de gaten houden. Vooral in de wereld van welzijnsorganisaties en bij verslaafdenhulpverlening is er nog steeds een ondoorzichtig woud van stichtingen, deelgemeentes, bv’s en andere clubs. Men weet er heel goed de weg naar de subsidiepotten en schuift elkaar opdrachten en baantjes toe.
De overheid heeft de plicht diegenen die wel willen maar op eigen kracht niet kunnen, een handje te helpen. De politiek moet de neiging weerstaan om maar te blijven zorgen voor iedereen die de boel voor de gek houdt. Pamperen houdt mensen in een afhankelijke positie. Dat is – hoe nobel de bedoelingen ook zijn – in wezen asociaal. Voor wie wel kan maar niet wil, moet de overheid streng zijn. Om te voorkomen dat er onterecht uitkeringen verschaft worden, moet de Sociale Dienst strenger optreden tegen fraude en de regels streng maar rechtvaardig toepassen.
Het welzijnswerk moet voorkomen dat mensen wegkwijnen, vereenzamen of onnodig in zorgvormen terechtkomen waar zij (nog) niet aan toe zijn. Aan de ene kant gaat het om het speeltuin-, jongeren-, ouderen- en vrijwilligerswerk, om mantel- en thuiszorg. Anderzijds moet het welzijnswerk de zelfredzaamheid van de Rotterdammers vergroten en ervoor zorgen dat ze binding met anderen in de stad hebben. Welzijnswerk staat natuurlijk niet op zichzelf, maar dient naadloos aan te sluiten bij het gemeentelijke onderwijs-, emancipatie- en veiligheidsbeleid. Precies op dat punt van aansluiting vindt Leefbaar Rotterdam dat er veel moet verbeteren. Het belangrijkste is dat het welzijnswerk zich durft te laten afrekenen op behaalde resultaten. Het gaat immers om belastinggeld. Welzijnswerkers moeten niet voor de eigen toko aan het werk zijn, maar voor de Rotterdammers.
Jong en oud
Jongeren moeten het kunnen maken in Rotterdam. Wie wil krijgt alle kans, wie echt niet kan krijgt hulp. Voor wie niet wil, worden maatregelen getroffen. In deze laatste, kleinste categorie wordt op dit moment het meest geïnvesteerd. Leefbaar Rotterdam vindt dat dit omgedraaid moet worden. Het meeste geld moet terechtkomen bij de groep die graag wil, maar nog niet kan.
In principe verdient iedereen het voordeel van de twijfel. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat iemand oneindig veel kansen moet krijgen. De overheid moet realistisch zijn en soms iemand ook het nadeel van de twijfel durven geven. Daar is lef voor nodig. Het is veel makkelijker voor opvoeders om altijd maar aardig te zijn in plaats van af en toe streng en duidelijk. Maar zo kweken ze wel verwende krengen die niet weten waar de grenzen liggen. Het is waar dat het verlies van de jeugd bij de ouders begint. Ouders hebben twee belangrijke taken: kinderen opvoeden in de thuissituatie en de regie voeren over de opvoeding buitenshuis. De overheid moet ouders straffen als zij die taken niet naar behoren vervullen. Wat Leefbaar Rotterdam betreft verliezen ouders die hun kinderen verwaarlozen en in de criminaliteit laten verdwijnen het recht op kinderbijslag.
De ouderen die dit land en deze stad hebben opgebouwd moeten veel meer aandacht krijgen dan nu het geval is. Degenen die zich decennia lang hebben ingezet voor Rotterdam behoren op hun wenken te worden bediend. Het gaat erom dat senioren op ondersteuning kunnen rekenen en dat hun zelfredzaamheid bevorderd wordt. Het is een schande dat er nu ouderen zijn die ’s avonds de deur niet meer uit durven. Leefbaar Rotterdam staat voor meer veiligheid en een schonere stad. En als er één groep is die daar baat bij heeft, dan zijn het de ouderen.
Iedere Rotterdammer kan bijdragen aan de samenleving
Leefbaar Rotterdam vindt dat ongeacht capaciteiten of afstand tot de arbeidsmarkt iédere Rotterdammer een zinvolle bijdrage aan de samenleving kan leveren. Nog steeds zijn er groepen in de stad die in een sociaal isolement leven. Het is belangrijk om deze groepen weer bij de samenleving te betrekken en te activeren. Mensen hoeven hierdoor niet met eenzaamheid en depressie te kampen. Ze kunnen bijvoorbeeld vrijwilligerswerk doen, of deelnemen aan cursussen en zo nodig gebruikmaken van de beschikbare hulpverlening.
Ook veel vrouwen zitten in een sociaal isolement, omdat ze door hun culturele of religieuze achtergrond met de rug naar de maatschappij staan. Leefbaar Rotterdam wil dit onderwerp hoog op de politieke agenda houden. Vrouwenemancipatie is zo belangrijk omdat het de kwaliteit van het bestaan van individuele vrouwen verbetert en ook dat van degenen die zij opvoeden. Uiteindelijk komt dat de gehele samenleving ten goede. Het heeft hoge prioriteit ervoor te zorgen dat meisjes en jongens niet al op jonge leeftijd ongelijk behandeld worden. De overheid moet het vrouwen zo makkelijk mogelijk maken om uit hun sociale isolement te stappen, maar dan nog zullen zij het zelf moeten doen. Degenen die vrouwen tegenhouden om uit dat isolement te stappen, moeten keihard worden aangepakt.
Gebruik aanwezige informatie ‘Eigen schuld, dikke bult’ roepen tegen mensen met problematische schulden is te makkelijk. Toch zit er wel een kern van waarheid in. Het kan tegen zitten in het leven en veel huishoudens zitten jaren vast aan het afbetalen van verkeerde aankopen uit het verleden. Meer dan eenderde van de Rotterdamse minimahuishoudens heeft door leningen of betalingsachterstanden moeite om rond te komen. Huishoudens met problematische schulden moeten strak, één op één begeleid worden. Schuldhulpverlening moet het aantal uitvallers terugdringen door huishoudens te koppelen aan een mentor. Dit kan vaak heel goed een familielid of bekende zijn. Leefbaar Rotterdam vindt bovendien dat er wetgeving moet komen die het mensen met problematische schulden verbiedt nieuwe leningen aan te gaan.
Het is belangrijk dat schuldhulpverlening zo vroeg mogelijk aan de slag gaat met mensen. Informatie die nu al bij gemeentelijke instanties aanwezig is, valt daarbij veel effectiever te gebruiken. Ook woningbouwcorporaties of Eneco kunnen hierbij een rol spelen. Zij zien vaak als eerste betalingsachterstanden ontstaan en moeten die informatie met schuldhulpverlening delen. Met slim opereren en tijdig ingrijpen, zijn veel huisuitzettingen te vermijden. Het voorkomen van meer ellende voor betrokkenen en de stad is belangrijker dan mogelijke bezwaren op het gebied van privacy.
Leefbaar Rotterdam wil:
- een steviger aanpak van uitkeringsfraude
- dat de gemeente een centrale regie voert over en prestatieafspraken maakt met het welzijnswerk
- welzijnsgeld besteden aan degenen die willen, maar nog niet kunnen (en niet andersom)
- ouders die tekort schieten in de opvoeding van hun kinderen straffen
- dat mensen met problematische schulden geen nieuwe leningen mogen aangaan
- huisuitzettingen voorkomen door woningbouwcorporaties en Eneco gegevens met schuldhulpverlening te laten delen
De Rotterdamse wijken moeten weer in balans gebracht worden door het bijsturen van instroom, uitstroom en doorstroom binnen een wijk. Dat lukt natuurlijk niet van de ene op de andere dag; dat vraagt om een langetermijnvisie. Jarenlang is Rotterdam verpauperd omdat niemand deze processen bewaakte.
Het ongelimiteerd toelaten van kansarmen in een wijk jaagt de oorspronkelijke bewoners weg en daarmee ook de winkeliers. Mensen die zich opwerken en naar een beter huis willen, kunnen niet langer blijven wonen in de wijk waar ze zich thuis voelen wanneer er geen woningen voor hen komen. Oudere mensen die nog zelfstandig kunnen wonen, moeten ook in hun wijk kunnen blijven wonen.
Om de bevolkingssamenstelling evenwichtiger te krijgen, moet de gemeente doorgaan met het bouwen van woningen voor midden- en hogere inkomens. Daarnaast moet het gemeentebestuur ervoor zorgen dat veel meer jonge gezinnen en studenten kiezen om in Rotterdam te blijven wonen.
Mensen die opgegroeid zijn in een wijk, of er lang gewoond hebben, hebben binding met die wijk en voelen zich er thuis. Die binding is belangrijk voor de leefbaarheid van wijken en buurten.
Het is ontoelaatbaar dat bewoners uit hun wijk moeten vluchten als de leefomstandigheden door straatterreur en verpaupering ondraaglijk worden. Die verpaupering was het directe gevolg van het erfpachtbeleid en het niet tijdig bouwen van betere huizen. Rotterdam is te groot en de wijken te verschillend van karakter om de bevolkingssamenstelling maar op zijn beloop te laten. Leefbaar Rotterdam vindt dat iedere wijk in balans moet zijn. En dat betekent dat iedere Rotterdammer van hoog tot laag er zijn plekje moet kunnen vinden.
Leefbaar Rotterdam heeft door de Rotterdamwet een eind gemaakt aan het ongelimiteerd toelaten van kansarmen. In arme wijken komen vestigingseisen voor instromers van buiten de stadsregio. Daarbij is voorwaarde dat iedereen die Rotterdammer wil worden inkomen uit werk heeft. Uitkeringen zijn immers bedoeld als tijdelijk vangnet en niet als permanente hangmat. Mensen met een bijstandsuitkering die in Rotterdam willen komen wonen, moeten dus eerst een baan vinden.
De Rotterdamwet was nodig om te zorgen dat de zaak niet verergert. Nu moet er nog het nodige gebeuren om te zorgen dat de zaak echt verbetert. Wanneer de gemeente niet verder ingrijpt in de verpaupering, worden hele wijken onleefbaar door het wegtrekken van de middenklasse en het verdwijnen van winkels. Er moeten duizenden huizen komen voor mensen met middeninkomens, vooral in wijken waar een overmaat is aan sociale woningen. Maar ook de luizen moeten uit de pels. Huisjesmelkers die op een onmenselijke manier nieuwkomers en illegalen uitbuiten – en zo broeinesten creëren voor criminaliteit – moeten keihard aangepakt worden. Politie, brandweer, SoZaWe, makelaars en notarissen kunnen door het koppelen van gegevens een muur opwerpen tegen dit soort uitbuiters. Wonen is meer dan een dak boven je hoofd en je veilig voelen achter je eigen voordeur. Ook op straat moet het leefbaar zijn, intimiderende groepen moeten met inzet van alle middelen verdwijnen. Te weinig wordt er nog gebruik gemaakt van het samenscholingsverbod en er is te weinig controle op de naleving ervan. Politie die zich laat uitlachen, maakt zich in de ogen van Leefbaar Rotterdam zélf belachelijk.
Voordelen van het leven in de stad
Rotterdam is een stad van huurwoningen en grote woningcorporaties. Te lang hebben deze superhuisbazen alleen op de winkel gepast en te weinig gedaan aan het bevorderen van wooncarrières. Leefbaar Rotterdam vindt het zeer nadrukkelijk een taak van woningbouwcorporaties om de leefbaarheid in wijken te bevorderen. Er horen ‘woonwinkels’ in wijken te zijn, waar Rotterdammers met hun vragen bij woningbouwcorporaties terecht kunnen. Daarnaast vindt Leefbaar Rotterdam dat het gemeentebestuur harde prestatieafspraken maakt met woningbouwcorporaties. Want die moeten natuurlijk aansluiten op de ruimtelijke ordening van de gemeente. Bovendien moet gewaarborgd zijn dat burgers zaken die betrekking hebben op hun directe leefomgeving in eigen hand kunnen nemen. Wanneer huurders de gelegenheid krijgen hun huis te kopen, dan zie je woonblokken en straten met sprongen vooruit gaan. Het is nu pas echt hún straat geworden en daar gaan ze dan zuinig mee om. De gemeente heeft zelf het initiatief genomen om in Spangen huizen gratis in eigendom te geven aan mensen die bereid zijn om ze te renoveren. Leefbaar Rotterdam juicht dergelijke initiatieven toe.
Het in balans krijgen van de stad is niet alleen een kwestie van betere huizen, maar ook van meer groen en mogelijkheden voor recreatie. Betere huizen en meer groen maken een betere stad, een kwaliteitsstad. Daarom wil Leefbaar Rotterdam doorgaan op de ingeslagen weg met toevoeging van ‘Mooi’ aan het ‘Schoon, Heel en Veilig’. Rotterdammers zijn stadsmensen, maar dat wil niet zeggen dat ze zich afgekeerd hebben van de natuur. De overheid moet zorgen dat bij de herinrichting van wijken plaats is voor meer huizen met tuinen, ligplaatsen voor visbootjes en kleine pleziervaartuigen en mogelijkheden om te sporten. Rotterdam heeft schitterende singels die een verademing zijn in de dichte bebouwing van de stad. Aan de andere kant zijn er overal in de stad kleine pleintjes met enkele trieste kinderspeeltuigen. Dat kan allemaal kleuriger en fleuriger, zodat ouders het ook leuk vinden om even een luchtje te scheppen in de buurtoase.
Het is belangrijk om de voordelen van het leven in de stad verder uit te bouwen. Een gevarieerd cultureel aanbod is daar een onderdeel van. Leefbaar Rotterdam vindt het huidige aanbod te elitair. De culturele sector moet veel minder afhankelijk van de overheid worden, zich veel vraaggerichter opstellen en zichzelf veel meer kunnen bedruipen.
Rotterdam bruist van allerlei sportactiviteiten en grootschalige evenementen, waarbij de hele binnenstad op zijn kop staat. Dit moet vooral zo blijven en er mag van Leefbaar Rotterdam zelfs nog wel een schepje bovenop. Dit soort festivals zet Rotterdam nationaal en internationaal op de kaart en is bovendien goed voor de middenstand. Evenementen als de Havendagen, Monaco aan de Maas en een stuntvliegshow dragen bovendien bij aan het saamhorigheidsgevoel van de Rotterdammers.
Groene golven
In de omgeving van Rotterdam zijn veel recreatiegebieden. De roep om meer groen is Leefbaar Rotterdam uit het hart gegrepen. Maar dan wel groen waar Rotterdammers naar toe gaan om van de natuur te genieten. Dit kan door gebieden makkelijk bereikbaar te maken, er een restaurant te plaatsen of wandelroutes aan te leggen.
Misschien klinkt het gek, maar de aanwezigheid van industrie biedt grote kansen voor het milieu. Restwarmte is zo’n kans. Fabrieken produceren veel warmte, warmte die normaal gesproken ‘wegvliegt’ in de lucht. Dat is zonde. Door een fabriek aan te sluiten op een warmtenetwerk is deze warmte te gebruiken voor de verwarming van huizen. Kooldioxide is een andere kans. De kooldioxide-uitstoot van fabrieken is te gebruiken voor de kassen in het Westland, die kooldioxide nodig hebben om hun producten te laten groeien.
De uitlaatgassen van voertuigen bepalen voor een groot gedeelte de luchtkwaliteit in Rotterdam. Leefbaar Rotterdam wil dat de gemeente het goede voorbeeld geeft. Alle gemeentelijke voertuigen en RET-bussen moeten snel roetfilters krijgen. Hierdoor neemt de hoeveelheid schadelijke stoffen in de uitlaatgassen af en verbetert de luchtkwaliteit. Een andere manier om de luchtkwaliteit te verbeteren is het op elkaar afstemmen van de stoplichten op de grote verkeersaders in de stad. Door deze zogenoemde groene golven kan het verkeer in één keer de route naar bijvoorbeeld het centrum afleggen. Dat betekent minder auto’s die afremmen en optrekken, of lang stilstaan voor stoplichten.
Leefbaar Rotterdam wil:
- meer huizen met tuinen voor mensen met midden- en hogere inkomens
- dat het gemeentebestuur prestatieafspraken maakt met woningbouwcorporaties
- dat mensen hun eigen huurhuis kunnen kopen
- meer kleur en fleur door bij herinrichting van wijken plaats voor groen in te ruimen
- slimmer omgaan met restwarmte en kooldioxine-uitstoot
‘Allemaal aan de slag’ roept men in Den Haag. Prima, maar dan moeten er wel banen zijn. Die banen kan Rotterdam creëren door de grootste werkgever van de stad, het midden- en kleinbedrijf, te stimuleren en te faciliteren. Een gezond MKB zorgt niet alleen voor veel stageplekken en voor banen, maar ook voor een aantrekkelijker stad waar het goed werken, wonen en recreëren is.
Bij het MKB ligt voor de gemeente een gouden kans om MBO’ers, HBO’ers en afgestudeerden van universiteiten te behouden voor de stad. Rotterdam moet het mogelijk maken dat zoveel mogelijk mensen ondernemer van hun eigen arbeid worden. Daarnaast moet de gemeente bedrijven stimuleren zich in Rotterdam te vestigen.
De werkloosheid in Rotterdam is veel hoger dan het landelijk gemiddelde. Terwijl er in Rotterdam vele duizenden vacatures zijn tegenover duizenden uitkeringstrekkers. Dit laat zien dat stevig beleid dat erop gericht is om zoveel mogelijk mensen aan het werk te krijgen absoluut noodzakelijk is.
Rotterdam heeft een troef in handen doordat de stad tegen de vergrijzing in verjongt. Het aantal banen in Rotterdam groeit, maar het aantal werklozen ook. Schooluitval is van dat laatste een belangrijke oorzaak. Daarbij komt dat jongeren die wel een diploma hebben, steeds meer tijd nodig hebben om een baan te vinden. Het verminderen van schooluitval is essentieel om die troef te benutten. Wie geen diploma heeft, krijgt wat Leefbaar Rotterdam betreft geen uitkering, maar gaat terug naar school. Jongeren tot 27 jaar mét een diploma, krijgen ook geen uitkering, maar gaan aan de slag. In het Westland, de zorg en de kinderopvang is werk genoeg! Vaak vinden mensen geen baan omdat ze gekozen hebben voor een opleiding die nauwelijks kansen biedt. Op dit moment is er sprake van een ernstige mismatch op de arbeidsmarkt. Het onderwijs moet veel beter aansluiten op de behoeften van het bedrijfsleven en andere werkgevers. Daarom moeten de gemeente en het bedrijfsleven veel meer zeggenschap krijgen over het beroepsonderwijs. Leefbaar Rotterdam vindt dat er bijvoorbeeld op Heijplaat een campus moet komen met ambachtelijke opleidingen.
Daar waar het voor ondernemers moeilijk is om te investeren, moeten zij de overheid aan hun kant vinden. Dit gebeurt bijvoorbeeld in Economische Kansenzones waar de overheid ondernemerschap stimuleert op plaatsen waar het anders niet van de grond komt. Leefbaar Rotterdam wil uitbreiding van deze regeling waarbij de overheid samen met het bedrijfsleven investeringen doet. Want wie meebetaalt staat achter de uitvoering en zal er ook zelf alles aan doen om te zorgen dat het een succes wordt. Dat geldt met name voor het midden- en kleinbedrijf. Een fris en gezond winkelbestand doet wonderen voor een wijk. Het schept werkgelegenheid, brengt mensen op straat, brengt geld in de la van de ondernemer en geeft een wijk een zet in de goede richting. De onveiligste plekken van de stad, de Hotspots, zijn een stuk verbeterd. Er moet een vergelijkbare geconcentreerde aanpak komen voor de armste plekken van de stad.
Een beter ondernemersklimaat
Rotterdam is voor het bedrijfsleven nu al aantrekkelijk, maar het kan beter. Mogelijkheden creëren voor bedrijven om zich hier te vestigen is de enige manier om te zorgen dat meer Rotterdammers aan de slag kunnen. Het ondernemersklimaat valt te verbeteren door bijvoorbeeld digitale verstrekking van vergunningen en vermindering van de administratieve regellast. Daarnaast moet er ruimte zijn voor ondernemers en moeten er dus bedrijventerreinen worden ontwikkeld om het aantal banen voor Rotterdammers in de toekomst te vergroten.
De globalisering van de economie is een feit. Het onderhouden van contacten met het buitenland is voor bedrijven steeds vaker een voorwaarde voor succes. In die toenemende internationalisering kan Rotterdam een belangrijke rol spelen. Noodzakelijk is dan wel een goede internationale bereikbaarheid. Nu al heeft Rotterdam Airport een stevige positie in Nederland. Het Rotterdamse vliegveld vervoert meer passagiers dan alle andere regionale vliegvelden bij elkaar. En keer op keer krijgt het goede rapportcijfers van de passagiers! Leefbaar Rotterdam is daar trots op en wil de mogelijkheden die de luchthaven biedt nog meer benutten. Ook dat draagt bij aan een beter ondernemersklimaat.
In een concurrerende wereld is een sterke positie van het unieke industriële en logistieke Rotterdamse havengebied van groot belang. Lading komt niet langer automatisch naar Rotterdam, andere havens liggen op de loer om het over te nemen. Daarom moet de uitbreiding van de haven met de Tweede Maasvlakte zo snel mogelijk in gang gezet worden. Overslag is één ding, maar uiteindelijk gaat het erom wat je eraan verdient. Leefbaar Rotterdam blijft er om die reden op hameren dat de toegevoegde waarde veel belangrijker is dan het aantal containers dat de haven verwerkt.
In de haven zelf werken op dit moment 60.000 mensen. Met alle havengebonden activiteiten erbij gaat het om een veelvoud daarvan. Dit werknemersbestand is erg eenzijdig, want over het algemeen gaat het om autochtone mannen vanaf middelbare leeftijd. Als de havenbedrijven in de toekomst hun omzet op peil willen houden, hebben zij dus nieuwe werknemers nodig. In de praktijk heeft werken in de haven een slecht imago onder de Rotterdamse jeugd. Voor de Rotterdamse economie is het noodzakelijk dat deze beeldvorming verbetert en dat het aantrekkelijk wordt voor toekomstige werknemers om in de haven te gaan werken. Ook hier is het belangrijk dat het bedrijfsleven en het onderwijs hun krachten bundelen. De motor van de Nederlandse economie verdient immers goede monteurs. Naast de haven is de zorgsector belangrijk in de stad. Er zijn nu 47.000 banen in ziekenhuizen en bejaardentehuizen. Bij de juiste investeringen zal deze sector alleen maar groeien. De creatieve sector groeide de afgelopen jaren het snelst. Het gaat bijvoorbeeld om architecten- en ontwerpbureaus en mode- en filmbedrijven. Het is van belang om deze groei te faciliteren om de bijbehorende werkgelegenheid verder uit te kunnen breiden.
Van hangmat naar vangnet
Mensen die niet op eigen kracht een baan kunnen vinden, verdienen een duwtje in de rug. Maar Leefbaar Rotterdam weigert grote groepen mensen als zwak of hulpbehoevend te bestempelen. Verreweg de meeste Rotterdammers zijn kansrijk en niet kansarm.
Jarenlang heeft de overheid geld dat bedoeld was om mensen aan het werk te helpen besteed aan gesubsidieerde arbeid, zonder dat er zicht was op echte banen. Leefbaar Rotterdam vindt dat de overheid niet langer werkgevers moet subsidiëren die niet van plan zijn mensen een echte kans op een echte baan te bieden.
Werkgevers die zich schuldig maken aan rassendiscriminatie moeten hard worden aangepakt. Toch misbruikt men maar al te vaak het begrip ‘discriminatie op de arbeidsmarkt’. Als een werkgever een sollicitant weigert op basis van ‘onaangepast gedrag’ heeft dat volgens Leefbaar Rotterdam per se niets met discriminatie te maken. De Rotterdamse bedrijfscultuur is in deze stad een gegeven. Wie niet de moeite neemt om zich daaraan aan te passen, is er zelf voor verantwoordelijk dat hij geen baan vindt. Zeker nieuwkomers moeten zich dat realiseren. Een man die kost wat kost zijn religieuze identiteit wil cultiveren door met een jurk aan naar een sollicitatiegesprek te gaan en daar weigert een vrouw een hand te geven, heeft wat Leefbaar Rotterdam betreft geen recht op een uitkering. Wie vrouwen geen hand geeft, hoeft hem ook niet op te houden…
Leefbaar Rotterdam vindt dat iedere Rotterdammer een zinvolle bijdrage aan de samenleving kan leveren. Uitgangspunt is dan ook dat iemand die kan werken ook moet werken. Omgekeerd geldt dat iemand die wel kan maar niet wil werken, ook geen recht op een uitkering heeft. De sociale hangmat is nu echt verleden tijd. Een uitkering wordt pas gegeven als het echt niet anders kan en zelfs dan zal er een tegenprestatie tegenover moeten staan. Uitkeringen zijn een vangnet wie wil werken, maar het nog niet lukt om aan de slag te gaan. Een uitkering is niet een startpunt van waaruit men achteroverleunend kan kijken wat er nog meer allemaal mogelijk is.
Betaald parkeren mag nooit een melkkoe zijn
Goed openbaar vervoer is van vitaal belang voor de Rotterdamse economie en het welzijn van de Rotterdammers. Winkelcentra en belangrijke voorzieningen moeten altijd bereikbaar zijn met het openbaar vervoer. De kosten van het openbaar vervoer worden voor ongeveer 65% betaald door alle burgers via de belastingen, de overige 35% door de inkomsten uit kaartverkoop. Alle burgers die mee betalen, hebben recht op waar voor hun geld. Het Rotterdamse openbaar vervoer moet daarom aantrekkelijk zijn voor alle inwoners van de stad en de regio. Na het succes van het terugbrengen van de conducteur op de tram, wil Leefbaar Rotterdam de veiligheid in het openbaar vervoer verder verbeteren door te zorgen voor toezichthouders in elk metrorijtuig. Leefbaar Rotterdam wil dat er meer park & ride plaatsen komen op strategische plekken aan de rand van de stad. Rotterdammers uit randgemeenten parkeren er en nemen vandaar een snelle bus, tram of metro.
De aandacht die Stadstoezicht nu besteedt aan parkeercontrole is buiten alle proporties. In veel woonwijken moet overdag voor parkeren betaald worden, terwijl er dan genoeg vrije parkeerplaatsen zijn. ’s Avonds is parkeren gratis, maar is er geen plek te vinden. Dit is niet aan Rotterdammers uit te leggen. Leefbaar Rotterdam vindt dat bewoners in hun eigen wijk gratis moeten kunnen parkeren. Betaald parkeren mag nooit een melkkoe van de gemeente zijn. Rotterdammers moeten zelf kunnen bepalen of er in hun wijk betaald parkeren moet zijn of niet.
Het beleid ten aanzien van verkeersdrempels is een andere bron van ergernis van veel Rotterdammers. Als politie, brandweer of een ambulance vanwege verkeersdrempels te laat komt, klopt er iets niet. Natuurlijk zijn verkeersdrempels nuttig als ze de veiligheid verhogen en met 30 kilometerzones is ook niets mis. Leefbaar Rotterdam heeft ook hier als uitgangspunt dat bewoners zelf moeten kunnen bepalen waar in hun buurt verkeersdrempels zijn.
Leefbaar Rotterdam wil:
- uitbreiding van de Economische Kansenzones
- de winstbelasting in Economische Kansenzones verlagen
- aanleg en ontwikkeling van bedrijventerreinen
- vermindering van de regellast voor ondernemers
- versterking van Rotterdam Airport
- geen uitkering zonder tegenprestatie
- koppelingen tussen bedrijfsleven en opleidingen
- dat bewoners gratis in hun eigen wijk kunnen parkeren
- meer park & ride plaatsen
- toezichthouders op de metro
Ieder mens heeft recht op zijn eigen identiteit, maar de voertaal hier is Nederlands. Ouders die hun kinderen in een andere taal opvoeden, belemmeren de kansen van hun kinderen. Het veroorzaakt ook extra kosten in het onderwijs. Dat geld valt op een veel betere manier aan de jeugd te besteden.
Bij het recht op eigen identiteit hoort het recht op vrijheid van godsdienst. Zolang moslimextremisten de vrije wereld bedreigen, is het logisch dat het dragen van moslimkleding bij niet-moslims irritatie en wantrouwen kan veroorzaken. Daarbij komt dat woordvoerders uit moslimkringen vaak te lauw reageren op ideologisch extremisme, waardoor extreem rechts voeding krijgt.
Leefbaar Rotterdam wil daarom opvallende godsdienstige symbolen verbieden voor ambtenaren en leraren. Zij vertegenwoordigen de overheid en die moet strikt gescheiden zijn van kerken of moskeeën. Daarnaast vindt Leefbaar Rotterdam dat er een verbod moet komen op het dragen van burka’s en gezichtssluiers in openbare ruimtes en op straat. Dit zijn extremistische uitingen die niet thuis horen in dit land.
Voor Leefbaar Rotterdam is iedere nieuwkomer die in Rotterdam z’n handen uit de mouwen wil steken meer dan welkom. Voorwaarde is wel dat iedereen hier de westerse spelregels onderschrijft en in acht neemt. De zogenaamde ‘multiculturele’ samenleving is geen samenleving en om die reden voor Leefbaar Rotterdam een leeg begrip. Leefbaar Rotterdam ziet onze stad als een multi-etnische samenleving, waar een gezamenlijke cultuur het bindmiddel moet zijn.
Voor nieuwkomers is loyaliteit aan de westerse cultuur een voorwaarde om hier goed te kunnen functioneren. Het is belangrijk om deze loyaliteit te stimuleren. Leefbaar Rotterdam wil daarom dat individuele nieuwkomers, maar ook bestaande allochtone organisaties zich door loyaliteitsverklaringen aan de westerse spelregels committeren. Wie spelregels uit andere culturen belangrijker vindt dan het burgerschap van Nederland, heeft volgens Leefbaar Rotterdam geen recht op een verblijfsvergunning.
Veel Rotterdammers voelen zich onprettig als er in hun omgeving geen Nederlands wordt gesproken. Ze storen zich eraan dat nieuwkomers zo maar dezelfde rechten op uitkeringen hebben als zijzelf, terwijl zij er jarenlang premies voor hebben betaald. Om die reden pleit Leefbaar Rotterdam voor een ‘greencardsysteem’ voor immigranten. Met zo’n greencard mogen mensen die een bijdrage kunnen leveren aan de samenleving hier werken. Ze betalen premies en belasting, maar maken geen aanspraak op sociale voorzieningen. Na een periode van een aantal jaren bouwen ze, afhankelijk van de mate waarin ze ingeburgerd zijn, dat recht wel op. Wanneer een dergelijk systeem niet wordt ingevoerd, blijft immigreren nog steeds een enkele reis naar de onderklasse.
Inburgeren is een verantwoordelijkheid van de nieuwkomers zelf. Het huidige systeem moet omgedraaid worden. Nu betaalt de overheid bij voorbaat alle inburgeringscursussen en geeft mensen die het diploma niet halen een boete. Leefbaar Rotterdam pleit ervoor dat iedere nieuwkomer zelf zijn cursus betaalt en dat iedereen die z’n diploma haalt een beloning van bijvoorbeeld duizend euro krijgt.
Allochtone organisaties moeten tijdelijke stations zijn die mensen de weg wijzen naar het zelfstandig burgerschap van Rotterdam. Ze zouden moeten functioneren als bedrijven die met hoge omloopsnelheid van nieuwkomers zelfstandige burgers van Rotterdam maken.
Overlegstructuren tussen de gemeente en bijvoorbeeld Marokkaanse en Turkse organisaties handhaven in feite de ‘status aparte’. Bovendien deugt het niet – in een land met scheiding tussen kerk en staat – dat de gemeente Rotterdam zich laat adviseren door een islamitische koepelorganisatie. De pastoor of de dominee worden ook niet om raad gevraagd. Leefbaar Rotterdam wil dan ook alle godsdienstige adviesorganen en overlegstructuren opheffen.
Met wortel en tak
De politieke islam is een regelrechte aanval op het Nederlandse rechtssysteem en de westerse manier van leven. Het is een bedreiging voor de openbare orde en veiligheid en dient met wortel en tak uitgeroeid te worden. Leefbaar Rotterdam wil koranscholen, moskeeën of andere islamitische organisaties die ook maar enige sympathie laten blijken voor de politieke islam sluiten en haatzaaiende imams direct het land uitzetten. Nu ontkennen veel instellingen dat de prediking van de politieke islam de oorzaak is van radicalisering. Ze geven de schuld aan de samenleving die zou ‘discrimineren’. In plaats van de hand in eigen boezem te steken, zaaien ze zo alleen maar meer tweedracht. De Gemeente Rotterdam moet alle overleg met dit soort organisaties staken.
In Rotterdam is geen plaats voor islamitische wetgeving. Hier worden geen homo’s van flatgebouwen afgegooid, geen ledematen afgehakt en geen vrouwen wegens overspel gestenigd. Gedrag zoals uithuwelijking, maagdelijkheidscultus, homofobie, jodenhaat, onderdrukking van vrouwen, eerwraak en vrouwenbesnijdenis tolereert Leefbaar Rotterdam niet. Punt uit. In het belang van de openbare orde zullen alle islamitische instellingen een gedragscode moeten tekenen waarin zij het primaat erkennen van de Nederlandse rechtsstaat en zij afstand nemen van islamitische wetgeving. Leefbaar Rotterdam vindt dat elke instelling die dat weigert verboden moet worden en zeker geen subsidie mag krijgen.
Leefbaar Rotterdam wil:
- een verbod op hoofddoeken voor ambtenaren en leraren
- een greencardsysteem voor immigranten
- een verbod op burka’s en gezichtssluiers in openbare ruimtes en op straat
- alle godsdienstige adviesorganen en overlegstructuren opheffen
- organisaties die sympathie voor de politieke islam uitspreken verbieden
- dat de gemeente onderzoek doet naar extremistische organisaties in de stad
‘De jeugd heeft de toekomst’ is niet voor niets een cliché, het is doodgewoon waar. Daarom is onderwijs voor Leefbaar Rotterdam een enorm belangrijk thema. Kinderen leren op school veel meer dan rekenen en schrijven. Na het gezin is de school voor jongeren de plaats waar ze kennismaken met de normen en waarden van onze samenleving. Ze leren zich er sociaal te gedragen en ze leren er hoe belangrijk het is om deel uit te maken van een groter verband.
Groepen met onderwijsachterstand zijn een probleem van alle tijden, maar in Rotterdam is het probleem duidelijk gerelateerd aan een jarenlang te vrijblijvend immigratiebeleid. Bij het wegwerken van taalachterstand is Nederlandse les het enige recept. Er moet een toelatingstoets voor taalvaardigheid komen voor kinderen die naar het basisonderwijs gaan. Kinderen die de toets niet halen, gaan eerst naar een aparte taalklas, waarna ze gelijk op kunnen gaan met de groep. Zo is gegarandeerd dat alle kinderen die op de basisschool komen Nederlands spreken.
Godsdienstonderwijs is een zaak voor ouders en kerken, maar niet voor scholen. Die hebben als taak om kinderen kennis en vaardigheden bij te brengen waarmee ze verder kunnen in de maatschappij. In het huidige onderwijssysteem is het openbaar onderwijs verplicht alles en iedereen te accepteren, terwijl christelijke scholen wel leerlingen mogen weigeren. Dat leidt tot onwenselijke concentraties van onderwijsachterstand. Ook op islamitische scholen bevinden zich voor het merendeel achterstandsleerlingen. Om die reden vindt Leefbaar Rotterdam dat er voorlopig geen nieuwe islamitische scholen bij moeten komen. Het is een slechte zaak als groepen op ideologische gronden van elkaar gescheiden worden gehouden. Leefbaar Rotterdam vindt dat iedere Rotterdamse school voor ieder Rotterdammers kind toegankelijk moet zijn.
Rotterdamse scholen moeten de jeugd die kennis en vaardigheden bijbrengen die nodig zijn om in de kennissamenleving een goede boterham te verdienen. Dat betekent vooral bij het beroepsonderwijs dat opleidingen echt tot banen moeten opleiden. En dat de grootste werkgever van onze stad, het midden- en kleinbedrijf, zich ook met de inhoud van die opleidingen moet bemoeien. De behoefte van werkgevers staat centraal. Dat houdt in dat ROC’s de instroom drastisch moeten beperken van die opleidingen waar de arbeidsmarkt vrijwel geen behoefte aan heeft. Als dat niet gebeurt, lopen we het risico dat we een hele generatie jongeren opleiden om op hun achttiende met pensioen te gaan en levenslang van een uitkering afhankelijk te zijn.
Scholen beconcurreren elkaar nu op leerlingenaantallen. Men stelt dure pr-medewerkers aan om ouders en kinderen met flitsende folders te lokken. Scholen lijken zich wel te willen onderscheiden met wie de meeste ‘leuke dingen’ doet voor leerlingen. Maar het gaat bij de vorming van jonge mensen natuurlijk niet alleen om de schoolreisjes en de buitenschoolse activiteiten. Leefbaar Rotterdam vindt dat scholen moeten worden afgerekend op het bereiken van resultaten, bijvoorbeeld op wie het meest succesvol de grootste hoeveelheid leerlingen naar banen weet toe te leiden.
Meer dan kennisoverdracht
Naast kennisoverdracht is het zeker zo belangrijk dat het onderwijs jonge mensen vormt tot burgers die kunnen omgaan met hun maatschappelijke verantwoordelijkheden. Het is van groot belang voor het voortbestaan van onze samenleving dat zaken als vrijheid van meningsuiting, tolerantie voor andersdenkenden, gelijkheid van man en vrouw geen loze begrippen worden. Onze scholen spelen een hoofdrol bij het helpen van jongeren om inhoud te geven aan deze begrippen. Zonder burgers met een democratische gezindheid kan een democratie natuurlijk nooit functioneren.
Veel scholen zijn, gedwongen door Haagse regelgeving, anonieme leerfabrieken geworden. De menselijke maat is er voor zowel leraar als leerling volkomen zoek. De grote eenheden ontmoedigen het aangaan van binding en bevorderen een cultuur van vermijding en afzijdigheid. Anonimiteit belemmert leerlingen in hun persoonlijke ontwikkeling. Hierdoor hebben te veel leerlingen zorg of correctie nodig en zijn de uitgaven in de preventieve, curatieve en repressieve sfeer onnodig hoog. Leefbaar Rotterdam wil kleinere scholen met maximaal 600 leerlingen. Daar verzuipen ze niet in de anonimiteit. Waarden en normen zijn er effectiever over te dragen en daardoor veroorzaken jongeren minder overlast. Leerlingen ontwikkelen zich op kleine scholen zowel sociaal als cognitief beter. Hierdoor stijgt het opleidingsniveau van de jeugd en hebben de jongeren van nu meer kans op een goede carrière in de kenniseconomie van morgen.
Op dit moment probeert de gemeente door dubbele wachtlijsten de samenstelling van scholen een afspiegeling van de wijk te laten zijn. Daarnaast zijn er ‘vriendsschapsscholen’; leerlingen van een ‘zwarte’ school bezoeken een ‘witte’ school en andersom. Dit zet geen zoden aan de dijk, want het is gebaseerd op vrijwillige deelname van scholen en dat is veel te vrijblijvend. Leefbaar Rotterdam wil de huidige generatie leerlingen natuurlijk niet afschrijven. Om de integratie van de Rotterdamse jeugd te bevorderen wil Leefbaar Rotterdam dat scholen er verplicht aan deelnemen. Het mag niet zo zijn dat ouders in achterstandswijken die aangepakt worden alleen maar de keus hebben uit zwarte scholen.
Het is belangrijk om de jeugd te leren hoe cruciaal het is dat we in Rotterdam mét elkaar leven en niet langs elkaar heen. Om die reden pleit Leefbaar Rotterdam voor een sociale stage voor de jeugd vanaf tien jaar en een sociale dienstplicht voor iedereen die achttien wordt. Diegenen die daarna geen vervolgopleiding volgen of geen baan vinden, krijgen een verlenging van die sociale dienstplicht.
Grote groepen kinderen verlaten de basisschool met een grote taalachterstand en halen die op de middelbare school nooit meer in. Voor die kinderen is extra Nederlandse les de enige remedie. Natuurlijk is het nuttig om moeders van jonge kinderen Nederlandse les te geven, maar het is niet erg realistisch om te verwachten dat ze dan ook thuis Nederlands zullen spreken. Leefbaar Rotterdam is fel tegen de flauwekul om met middelen voor de bestrijding van onderwijsachterstand kinderen les te geven in bijvoorbeeld Arabisch of Turks.
Het enige wat kinderen met een taalachterstand echt helpt, is vergroting van het aantal uren waarin ze in een Nederlandse taalomgeving zijn. In feite moet al het geld voor achterstandsbestrijding daaraan besteed worden. Het is te gek voor woorden dat er nu scholen zijn die ‘verslaafd’ zijn aan achterstandsleerlingen omdat ze daar extra geld voor ontvangen, terwijl niemand kijkt of die scholen met dat geld ook feitelijk achterstanden wegwerken. Het is overigens opvallend dat er bij van oorsprong Surinaamse en Chinese kinderen veel minder achterstand voorkomt dan bij kinderen met een islamitische achtergrond. Er lijkt een verband te zijn met de mate waarin die gemeenschappen op de westerse samenleving georiënteerd zijn.
In Rotterdam zijn helaas nog veel ouders die hun kinderen niet op een goede, evenwichtige manier kunnen opvoeden. Waar het gaat om misstanden als verwaarlozing en mishandeling, zijn er instanties als kinderbescherming en jeugdzorg. Helaas hebben dat soort instanties maar al te vaak hun aandacht primair gericht op institutionele, bureaucratische belangen in plaats van op de belangen van de jeugd. Het beleid en handelen van jeugdzorg moet direct aansluiten op de gemeentelijke actieprogramma’s die zich met onze jongeren bemoeien. Anders is het water naar de zee dragen. Veel ouders zijn niet in staat hun kinderen die bagage mee te geven die ze nodig hebben voor een optimale ontwikkeling. Steeds meer verschuift de opvoedtaak van ouders richting scholen. Het is opvallend dat de taalvaardigheid van leerlingen in de onderbouw van het basisonderwijs gelijke tred houdt. In de bovenbouw lopen veel leerlingen een taalachterstand op, doordat de leerstof in de bovenbouw veel abstracter is. De ontwikkeling van het abstraherend vermogen van achterstandsleerlingen is achtergebleven en daardoor hebben zij moeite om complexe teksten te behappen. In het belang van de leerling is het nodig de ontwikkeling van het abstracte denkvermogen van kinderen al in een zo vroeg mogelijk stadium te prikkelen. Dit kan door jongeren ingrediënten aan te reiken die hun thuisomgeving veelal kan bieden.
Iedere leerplichtige Rotterdammer gaat naar school
In Rotterdam bestaan heel wat zogenaamde Brede Scholen. De bedoeling daarvan is dat ze de sociale ontwikkelingskansen van kinderen vergroten. In de Brede School komen de basisschool, de peuterspeelzaal, de kinderopvang, het welzijnswerk en sportverenigingen samen. Een echte Brede School moet dan ook het centrum van een wijk zijn. Het is een buurthuis nieuwe stijl dat van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat open is waar kinderen minstens veertig uur per week kunnen doorbrengen. In de praktijk echter is vrijblijvendheid troef en gebruiken Brede Scholen belastinggeld om wat vaker ‘leuke dingen’ met leerlingen te doen. Er is zelfs al sprake van Brede Scholen Nieuwe Stijl, maar ook die worden niet op geleverde prestaties afgerekend.
Als het aan Leefbaar Rotterdam ligt, krijgen Brede Scholen alleen subsidie als ze zich laten afrekenen op resultaten. Het begrip Brede School moet echt ergens voor staan. Op een Brede School is geen wapenbezit, zijn er minder ruzies tussen leerlingen en wordt er minder gespijbeld. Uiteindelijk moet een Brede school zorgen dat kinderen zich beter ontwikkelen en betere leerprestaties leveren.
Rotterdam kent schrikbarend veel jongeren die zonder diploma de school verlaten. Er is een direct verband tussen spijbelgedrag en voortijdig school verlaten. Het is belangrijk om verantwoordelijkheden en verplichtingen duidelijk te benoemen. Ouders zijn de eerstverantwoordelijken voor de opleiding van hun kinderen. Nemen ouders die verantwoordelijkheid niet, dan moeten ze worden gekort op de kinderbijslag. Scholen hebben de plicht schoolverzuim direct aan Leerplicht te melden. Scholen die dat niet doen, uit angst voor een slechte naam of uit concurrentie-overwegingen, moeten sancties opgelegd krijgen.
Het klinkt als een open deur, maar dat is het helaas niet. Leerplichtambtenaren moeten datgene doen waarvoor zij zijn aangesteld en waartoe zij als enige de bevoegdheid hebben: het handhaven van de Wet op de leerplicht. Veel te vaak schuiven zij nu aan bij de vergadertafels van social teams, counselors, schoolmaatschappelijkwerkers en andere hulpverleners.
Er zijn te veel kinderen die hun eigen glazen ingooien. Als het aan Leefbaar Rotterdam ligt, is het voor hen niet langer vrijheid blijheid. Spijbelaars moeten niet alleen door de bureaucratische molen van leerplichtambtenaren, maar ook stadswachten, politieagenten, tramcontroleurs en gewone burgers moeten hen aanspreken. Als er geen verlengde leerplicht voor alle voortijdige schoolverlaters komt, zitten ze straks tot hun 65e in een bijstandsuitkering.
Op veel scholen bevinden zich leerlingen die door hun gedrag een enorme druk op de schoolorganisatie leggen. Ze verzieken zowel het klimaat in de klas, in de algemene ruimte van de school en in de buurt van de school. De welwillende leerlingen hebben recht op bescherming. Zij mogen niet langer lijden onder de kleine groep kwaadwillenden. Het is dan ook van groot belang dat er een Rotterdamse tuchtschool wordt opgericht. Zo krijgen de welwillende leerlingen niet alleen de aandacht en begeleiding die ze verdienen. Het zal ook de werkdruk van docenten verminderen en de overlast rond scholen doen afnemen.
Leefbaar Rotterdam wil:
- dat het Rotterdamse Middelbaar Beroeps Onderwijs alleen opleidingen biedt waar de arbeidsmarkt behoefte aan heeft
- dat Rotterdamse scholen geen leerfabrieken zijn, maar gemeenschappen op menselijke maat met maximaal 600 leerlingen
- dat intensivering van het beleid om de integratie in het onderwijs te bevorderen
- dat geld om taalachterstanden te bestrijden alleen wordt gebruikt voor Nederlandse les
- dat Brede Scholen afgerekend worden op resultaten
- dat een Rotterdamse tuchtschool echt handen en voeten krijgt
Deelgemeentes hadden tot doel om het bestuur dichter bij de burgers te brengen en een aantal taken van de ‘Coolsingel’ over te nemen. In de praktijk is er alleen maar een extra bestuurslaag bijgekomen waardoor het aantal politici is gestegen van 45 naar 450. Dubbel werk en langs elkaar heen werken moet stoppen en het moet duidelijk zijn wie waar verantwoordelijk voor is. De door de burgers gekozen gemeenteraad moet het laatste woord hebben en moet de direct verantwoordelijken afrekenen op hun prestaties. Om die reden wil Leefbaar Rotterdam ervoor zorgen dat een volgende burgemeester van deze stad gekozen wordt. Leefbaar Rotterdam staat tot nu toe alleen in het aanzwengelen van bestuurlijke vernieuwing. De oude politiek wil er niet aan, want dan is het afgelopen met het vergeven van baantjes. Ook topambtenaren zoals de hoofden van de gemeentelijke diensten, moeten beoordeeld worden op efficiënte bedrijfsvoering en dienstbaarheid aan de Rotterdammers. Uiteindelijk is een wachtgeldregeling goedkoper dan een slecht functionerende gemeentelijke dienst met duizenden ambtenaren. Rotterdamse ambtenaren hebben recht op een professionele leiding die beoordeeld wordt door de – ook door hen gekozen – gemeenteraad.
Leefbaar Rotterdam heeft ervoor gezorgd dat het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam zich heeft verplicht om vooraf gestelde targets te behalen. Dat is uniek in Nederland! Professioneel bestuur betekent voor Leefbaar Rotterdam namelijk: resultaten halen en je daarop laten afrekenen.
Leefbaar Rotterdam wil gemeentelijke subsidies kritisch tegen het licht houden. Hoewel er een gedegen rapport ligt over de efficiëntie en effectiviteit van de subsidies, is er onwil om daarvan de consequenties te aanvaarden. Gevestigde belangen en vriendjespolitiek zijn voor velen in de Rotterdamse politiek kennelijk een reden om maar niet te kritisch naar subsidies te kijken. Onduidelijke stichtingen zonder meetbare doelstellingen en goede financiële verslaggeving verdienen geen subsidie. Die moet gaan naar die instellingen waar de Rotterdammers wat aan hebben. Subsidie is uiteindelijk geld van de Rotterdammers.
Dienstverlening aan de burger centraal
Regeren is niet een kwestie van alleen maar geld in problemen blijven pompen in de hoop dat ze dan vanzelf oplossen. Dat is het verdoezelen van de problemen, zoals dat de afgelopen decennia tot 2002 is gebeurd. Echte oplossingen voor de grote problemen van deze stad zijn eigenlijk niet mogelijk zonder Rotterdam als onafhankelijke staat uit te roepen. Op lokaal niveau is de criminaliteit geen echte slag toe te brengen, want de lokale politiek gaat niet over de straffen en de middelen voor politie. De toestroom van buiten valt niet te stoppen omdat Den Haag over het immigratiebeleid beslist. Leefbaar Rotterdam vindt dat het lokale bestuur maximale slagkracht moet hebben en wil dat Rotterdam een grotere onafhankelijkheid heeft van Den Haag.
Binnen het concern Rotterdam valt een ferme efficiëntieslag te maken. De stad beslaat slechts een beperkt aantal vierkante kilometers en het is niet efficiënt, noch afrekenbaar om de macht daarbinnen te verdelen over deelgemeentes. Leefbaar Rotterdam wil de deelgemeentes in hun huidige vorm afschaffen. Het moeten puur uitvoerende filialen van de ‘Coolsingel’ zijn, servicekantoren zijn waar de dienstverlening aan de burger centraal staat. Rotterdammers kunnen er geholpen worden bij het invullen van formulieren. Ze kunnen er terecht voor hun rijbewijs of paspoort en het postkantoor, de Eneco, de Thuiszorg, het CWI en SoZaWe hebben er ook een balie. De burger wordt in een servicekantoor op zijn wenken bediend: ‘At your service!’ En met een glimlach, want wat is er op tegen als ambtenaren vriendelijk zijn, de burger groeten en een prettige dag toewensen?
Ook binnen de gemeentelijke diensten moet er het nodige veranderen. De dienstbaarheid aan de burger moet veel meer centraal komen te staan. Leefbaar Rotterdam wil dat ook de gemeentelijke diensten puur uitvoerende organisaties zijn die worden aangestuurd door het College en de Bestuursdienst. Die dienst heet immers niet voor niets zo! Dus op dienstniveau hoeven er geen eigen onderzoekers, pr-mensen en dergelijke te zijn. In Rotterdam is geen plaats voor ambtenaren die zichzelf en hun collega’s bezighouden. Leefbaar Rotterdam pleit daarom voor een forse vermindering en verduidelijking van de gemeentelijke regelgeving. Het gevolg hiervan is een inkrimping van het aantal ambtenaren.
Alleen de organisatiestructuur veranderen is niet genoeg om te komen tot een efficiëntere overheid waar de dienstbaarheid aan de burger centraal staat. Er moet volgens Leefbaar Rotterdam ook een omslag komen in het personeelsbeleid. Goed presterende ambtenaren moeten rap gepromoveerd worden en slecht presterende ambtenaren rap gedegradeerd, ontslagen of overgeplaatst. Als dit in strijd is met de ambtenaren-CAO, dan moet die ter discussie gesteld worden. Datzelfde geldt voor de wachtgeldregelingen voor bestuurders en politici.
De lokale lasten stijgen ieder jaar. Gemeentelijke heffingen voor bijvoorbeeld het riool of de reiniging zijn gebaseerd op de feitelijke kosten. Hoe professioneler, slimmer en efficiënter de overheid werk, hoe lager die kosten zullen zijn. Leefbaar Rotterdam wil om die reden het automatisme van lastenstijging omkeren.
Leefbaar Rotterdam wil:
- dat Rotterdam onafhankelijker is van Den Haag
- dat een volgende burgemeester van Rotterdam gekozen wordt door de Rotterdammers
- de deelgemeentes afschaffen en daarvoor in de plaats servicekantoren waar dienstverlening aan burgers centraal staat
- het aantal gemeenteraadsleden terugbrengen van 45 tot 30
- dat ambtenaren vriendelijk zijn, de burger groeten en een prettige dag toewensen
- een forse vermindering en verduidelijking van de gemeentelijke regelgeving
- dat goed presterende ambtenaren rap promoveren en slecht presterende rap degraderen
- gemeentelijke heffingen halveren
- de lokale subsidie-uitgaven halveren
Waarom moet er een sterke Rotterdamse beweging in de gemeenteraad zitten?
Omdat Leefbaar Rotterdam durft te zeggen waar het op staat. Omdat Leefbaar Rotterdam er is voor iedereen met hart voor de stad. Omdat Leefbaar Rotterdam een partij is van doeners en niet van luchtkastelenbouwers en wieluitvinders. Omdat Leefbaar Rotterdam doet wat Pim niet meer kan doen.
De landelijke politiek houdt te weinig rekening met wat er lokaal speelt en wordt teveel beïnvloed door landelijke partijbelangen. Leefbaar Rotterdam is een puur Rotterdamse beweging die Rotterdam goed kent en weet wat er leeft.
Na de historische verkiezingsoverwinning van 2002 heeft Leefbaar Rotterdam de afgelopen vier jaar een visitekaartje afgegeven. En nu kijkt heel Nederland mee naar de gemeenteraadsverkiezingen in Rotterdam. Het is nu aan de Rotterdammers om te bepalen hoe het verder gaat met de politiek in Nederland.
Leefbaar Rotterdam 2006-2010
1. Inleiding
2. Iedere Rotterdammer moet zich veilig kunnen voelen
3. Iedere Rotterdammer die hulp nodig heeft, krijgt hulp
4. Iedere wijk voor iedere Rotterdammer aantrekkelijk om te wonen
5. Iedere Rotterdammer die kan werken, moet aan het werk
6. Iedereen die in Rotterdam woont, moet ook Rotterdammer worden
7. Iedere school voor ieder Rotterdams kind toegankelijk
8. Professioneel en efficiënt bestuur voor Rotterdam
9. Slotwoord
_______________________________________________________________
Klik hier voor het.Pdf document
_______________________________________________________________
Leefbaar Rotterdam doet wat Pim Fortuyn zei
Rotterdam verpauperde. Hele wijken gingen ten onder aan onveiligheid en wie niet kon vluchten, moest zich zelf zien te redden. Maar dat mocht vooral niet gezegd worden: dat was immers politiek niet correct. Pim Fortuyn stelde die situatie aan de kaak. Hij stond aan de wieg van het huidige collegeprogramma Het nieuwe elan van Rotterdam…en zo gaan we dat doen!
De moord op Pim maakte geen einde aan de beweging die hij op gang bracht. In politiek Den Haag is er weinig overgebleven van zijn idealen, maar in Rotterdam staat zijn erfenis fier overeind. Daar hielden zijn erfgenamen zich niet met politiek gekonkel bezig, maar stroopten de mouwen op en gingen aan de slag. Pragmatisme heet dat, of in gewoon Rotterdams: geen woorden, maar daden!
Leefbaar Rotterdam maakte korte metten met de regentenmentaliteit op het stadhuis. Leefbaar Rotterdam zorgde voor een wethouder Veiligheid en maakte de stad ook merkbaar veiliger. De plekken die het meest verloederden, de Hotspots, zijn aangepakt. De veiligheid op het Centraal Station verbeterde sterk en er zijn weer conducteurs op de trams.
Het kostte bloed, zweet en tranen om de zinkende mammoettanker Rotterdam weer zeewaardig te maken en op koers te leggen. Maar er is nog een lange weg te gaan. Het zou dan ook catastrofaal zijn als er na de gemeenteraadsverkiezingen weer brokkenkapiteins het bevel gaan voeren. Rotterdammers die van hun stad houden kunnen dat verhinderen. Hieronder in zeven hoofdpunten de koers die Leefbaar Rotterdam wil blijven varen:
1. Iedere Rotterdammer moet zich veilig kunnen voelen
2. Iedere Rotterdammer die hulp nodig heeft, krijgt hulp
3. Iedere wijk voor iedere Rotterdammer aantrekkelijk om te wonen
4. Iedere Rotterdammer die kan werken, moet aan het werk
5. Iedereen die in Rotterdam woont, moet ook Rotterdammer worden
6. Iedere school voor ieder Rotterdams kind toegankelijk
7. Professioneel en efficiënt bestuur voor Rotterdam
1. Iedere Rotterdammer moet zich veilig kunnen voelen
Het is geen discussie dat leefbaarheid in grote mate veiligheid betekent. Angst in het openbaar vervoer, of ’s avonds op straat, angst voor hangjongeren, drugsdealers, overlastgevers of moslimextremisten is voor Leefbaar Rotterdam eenvoudigweg onacceptabel.
Leefbaar Rotterdam verwacht van de politie zero-tolerance op prioriteiten. Zolang de pakkans voor een parkeerovertreding hoger ligt dan die voor een auto-inbraak, zijn de prioriteiten verkeerd gesteld. Iedere Rotterdammer kent de onveilige plekken in zijn wijk. De politie kent ze ook, maar zegt zonder overtreding niets te kunnen doen. Op veiligheidsgebied is nog steeds veel op een gebrekkige, tegenstrijdige wijze georganiseerd. Administratief personeel zou de papieren rompslomp waartoe agenten verplicht zijn bijvoorbeeld veel beter kunnen doen.
Voor Leefbaar Rotterdam is de overlast die een grote groep Rotterdammers ondervindt belangrijker dan begrip voor de daders. Het aantal kleine criminelen, intimiderende hangjongeren en rotzooitrappers is relatief klein, maar het effect op de gevoelens van onveiligheid is enorm. Leefbaar Rotterdam eist dat de politie die groepen dusdanig op de huid zit dat ze er voortaan van afzien overlast te veroorzaken, of achter slot en grendel verdwijnen.
In Rotterdam moet je niet iets kunnen flikken zonder dat iemand erachter komt. De pakkans moet dus veel groter worden. Dit kan door soms simpele technische aanpassingen en een andere mentaliteit bij uitvoerders op straat. Een voorwaarde is niet te krampachtig om te gaan met privacywetgeving. Voor Leefbaar Rotterdam is veiligheid van de burgers belangrijker dan de privacy van criminelen. Psychiaters, huisartsen, hulpverleners, docenten, notarissen, banken, verzekeraars en advocaten houden nu nog te vaak belangrijke informatie vast op basis van beroepsafspraken of de wet op de privacy.
Het Rotterdamse stadsbestuur moet maximale invloed hebben op de veiligheid in de stad. Toezicht en handhaving moeten slimmer en beter. Daarom wil Leefbaar Rotterdam een gemeentelijke Handhavingsdienst in het leven roepen. Die dienst controleert bijvoorbeeld op illegale bewoning en inschrijving in het bevolkingsregister en neemt taken over van Reinigingspolitie, Leerplicht en Stadstoezicht. Op wijkniveau functioneert de Handhavingsdienst als de ogen en oren van de politie. De politie houdt zich dan uitsluitend bezig met haar kerntaken: het oplossen van zaken, het aanhouden van verdachten en het handhaven van de wet. Voorwaarde om de wet goed te kunnen handhaven is herstel van het gezag van de politie. Wat Leefbaar Rotterdam betreft gaat de politie veel vaker in burger actief op zoek naar misstanden in plaats van te wachten op aangiftes. Het is absurd dat agenten nu grote delen van hun tijd vergaderen. Een andere manier om te zorgen dat de politie zich meer op kerntaken richt, is administratief personeel datgene te laten doen waar het goed in is: de administratieve taken van het politiewerk. De agenten kunnen dan achter hun bureau vandaan komen en de straat op gaan. Door deze twee maatregelen zal een Rotterdamse politieagent nooit meer zaken door de vingers hoeven te zien door tijdgebrek.
Preventie is niet altijd vrijblijvend
Leefbaar Rotterdam wil ingrijpen in het leven van mensen voordat het te laat is. Preventie is cruciaal en dus niet altijd vrijblijvend. Bij etterbakken die de boel verstieren, crimineel zijn, mensen bedreigen, uitschelden en lastig vallen, zien velen de ellende allang aankomen. Leefbaar Rotterdam wil bij jeugdoverlast eerder en met dwang ingrijpen. Er moet een keiharde aanpak komen voor risicovolle en overlastgevende jongeren. Ouders van kinderen die de vernieling ingaan, moeten verplicht deelnemen aan gezinsondersteuning.
Eerder ingrijpen is ook belangrijk voor het bestrijden van drugsoverlast. Nu wordt er gedweild met de kraan open. Leefbaar Rotterdam wil gedwongen opname en behandeling van psychiatrische patiënten en verslaafden. Het liefst in afkickboerderijen buiten de stad; in Groot-Brittannië zijn daar goede ervaringen mee opgedaan, dus waarom zelf het wiel opnieuw uitvinden?
In Nederland heb je het recht en de vrijheid om langzaam, pijnlijk, eenzaam, dakloos, zonder familie en vrienden en aan alle kanten rammelend dood te gaan. Dat moet maar eens afgelopen zijn. Voor een psychiatrische situatie kies je niet. Je bent gewoon ziek en bij dat ziektebeeld hoort dat je de verkeerde beslissingen neemt en dingen doet die slecht zijn voor jou en je omgeving. Verslaafden hebben ooit uit vrije wil hun eerste pil, shot of snuif genomen. Wanneer niet jijzelf, maar je verslaving bepaalt welke keuzes je maakt en wat je op een dag uitvreet, dan is het niet langer een vrije keus. Zowel voor deze mensen zelf als voor de samenleving is er maar één optie: gedwongen ingrijpen. Nu kosten behandelingen veel geld en is de inzet van de politie onevenredig groot gezien de omvang van de groep waar het om gaat. Reden te meer dus om de vrijheid te beperken.
Leefbaar Rotterdam tolereert geen geweld. Vanwege het buitensporige geweld tegen vrouwen en kinderen wil Leefbaar Rotterdam een keiharde aanpak van seksueel en huiselijk geweld, eerwraak, loverboys, kindermishandeling en kinderverwaarlozing. Bij kindermishandeling moeten kinderen direct uit huis worden geplaatst. In Nederland krijgen ouders jarenlang de kans om keer op keer te bewijzen dat ze hun kinderen in de ellende storten. Dat moet afgelopen zijn. Voor mensen die kiezen voor het verkeerde pad, moeten de straffen hoger en effectiever. Het kan niet zo zijn dat criminelen na aanhouding meteen weer de straat op mogen. Voor het beter sanctioneren en een goede preventie zullen wetten moeten worden aangepast. Waar nodig moet de gemeente zelf sanctioneren met uitkeringen, politiedetentie en boetes.
Rotterdammers zijn uiteindelijk ook zelf verantwoordelijk voor de veiligheid in hun straat, wijk en stad. Leefbaar Rotterdam vindt dat Rotterdammers zelf aan de slag moeten kunnen met hun ideeën voor het verbeteren van veiligheid in de wijk, zonder dat ze tegen bureaucratische muren oplopen. Als burgers verdachte kentekens of panden doorgeven, of vragen om een snelheidscontrole in hun wijk, dan moet daar actie op volgen.
Leefbaar Rotterdam wil:
- dat de politie in de gehele stad preventief kan fouilleren
- wapeninleveracties op probleemscholen
- mobiele politieposten in probleemwijken
- dat er een gemeentelijke Handhavingsdienst komt
- dat agenten zo min mogelijk tijd aan administratief werk besteden
- dat er bij jeugdoverlast eerder én met dwang wordt ingegrepen
- gedwongen opname en behandeling van verslaafden in afkickboerderijen
- aparte aanpak van seksueel en huiselijk geweld, eerwraak, loverboys en kindermishandeling
2. Iedere Rotterdammer die hulp nodig heeft, krijgt hulp
De gemeente moet mensen die om hulp vragen serieus nemen. Wie door gezondheidsredenen buiten de boot valt, moet goede opvang krijgen. Wie misbruik maakt van deze opvang, moet worden aangepakt. Dat geldt zowel voor de zorg als voor het misbruik maken van uitkeringen. Wie zich door gedrag opzettelijk uitsluit van inkomen uit werk door zich niet aan te passen aan de eisen van de Nederlandse werkcultuur verspeelt het recht op een uitkering.
Ouderen die zich decennia lang hebben ingezet voor Rotterdam moeten in de watten gelegd worden. Welzijnswerk is er alleen voor diegenen die willen. Voor wie niet wil deugen, is er een harde aanpak.
Goede bedoelingen leiden maar al te vaak tot averechtse gevolgen. Geld komt niet terecht bij de diegenen voor wie het bedoeld is. Hulpverleners blijven tegen beter weten in investeren in mensen die hun gedrag nooit en te nimmer zullen veranderen. Leefbaar Rotterdam blijft het hulpverlenerscircuit, dat vaak de neiging heeft zichzelf aan het werk te houden, scherp in de gaten houden. Vooral in de wereld van welzijnsorganisaties en bij verslaafdenhulpverlening is er nog steeds een ondoorzichtig woud van stichtingen, deelgemeentes, bv’s en andere clubs. Men weet er heel goed de weg naar de subsidiepotten en schuift elkaar opdrachten en baantjes toe.
De overheid heeft de plicht diegenen die wel willen maar op eigen kracht niet kunnen, een handje te helpen. De politiek moet de neiging weerstaan om maar te blijven zorgen voor iedereen die de boel voor de gek houdt. Pamperen houdt mensen in een afhankelijke positie. Dat is – hoe nobel de bedoelingen ook zijn – in wezen asociaal. Voor wie wel kan maar niet wil, moet de overheid streng zijn. Om te voorkomen dat er onterecht uitkeringen verschaft worden, moet de Sociale Dienst strenger optreden tegen fraude en de regels streng maar rechtvaardig toepassen.
Het welzijnswerk moet voorkomen dat mensen wegkwijnen, vereenzamen of onnodig in zorgvormen terechtkomen waar zij (nog) niet aan toe zijn. Aan de ene kant gaat het om het speeltuin-, jongeren-, ouderen- en vrijwilligerswerk, om mantel- en thuiszorg. Anderzijds moet het welzijnswerk de zelfredzaamheid van de Rotterdammers vergroten en ervoor zorgen dat ze binding met anderen in de stad hebben. Welzijnswerk staat natuurlijk niet op zichzelf, maar dient naadloos aan te sluiten bij het gemeentelijke onderwijs-, emancipatie- en veiligheidsbeleid. Precies op dat punt van aansluiting vindt Leefbaar Rotterdam dat er veel moet verbeteren. Het belangrijkste is dat het welzijnswerk zich durft te laten afrekenen op behaalde resultaten. Het gaat immers om belastinggeld. Welzijnswerkers moeten niet voor de eigen toko aan het werk zijn, maar voor de Rotterdammers.
Jong en oud
Jongeren moeten het kunnen maken in Rotterdam. Wie wil krijgt alle kans, wie echt niet kan krijgt hulp. Voor wie niet wil, worden maatregelen getroffen. In deze laatste, kleinste categorie wordt op dit moment het meest geïnvesteerd. Leefbaar Rotterdam vindt dat dit omgedraaid moet worden. Het meeste geld moet terechtkomen bij de groep die graag wil, maar nog niet kan.
In principe verdient iedereen het voordeel van de twijfel. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat iemand oneindig veel kansen moet krijgen. De overheid moet realistisch zijn en soms iemand ook het nadeel van de twijfel durven geven. Daar is lef voor nodig. Het is veel makkelijker voor opvoeders om altijd maar aardig te zijn in plaats van af en toe streng en duidelijk. Maar zo kweken ze wel verwende krengen die niet weten waar de grenzen liggen. Het is waar dat het verlies van de jeugd bij de ouders begint. Ouders hebben twee belangrijke taken: kinderen opvoeden in de thuissituatie en de regie voeren over de opvoeding buitenshuis. De overheid moet ouders straffen als zij die taken niet naar behoren vervullen. Wat Leefbaar Rotterdam betreft verliezen ouders die hun kinderen verwaarlozen en in de criminaliteit laten verdwijnen het recht op kinderbijslag.
De ouderen die dit land en deze stad hebben opgebouwd moeten veel meer aandacht krijgen dan nu het geval is. Degenen die zich decennia lang hebben ingezet voor Rotterdam behoren op hun wenken te worden bediend. Het gaat erom dat senioren op ondersteuning kunnen rekenen en dat hun zelfredzaamheid bevorderd wordt. Het is een schande dat er nu ouderen zijn die ’s avonds de deur niet meer uit durven. Leefbaar Rotterdam staat voor meer veiligheid en een schonere stad. En als er één groep is die daar baat bij heeft, dan zijn het de ouderen.
Iedere Rotterdammer kan bijdragen aan de samenleving
Leefbaar Rotterdam vindt dat ongeacht capaciteiten of afstand tot de arbeidsmarkt iédere Rotterdammer een zinvolle bijdrage aan de samenleving kan leveren. Nog steeds zijn er groepen in de stad die in een sociaal isolement leven. Het is belangrijk om deze groepen weer bij de samenleving te betrekken en te activeren. Mensen hoeven hierdoor niet met eenzaamheid en depressie te kampen. Ze kunnen bijvoorbeeld vrijwilligerswerk doen, of deelnemen aan cursussen en zo nodig gebruikmaken van de beschikbare hulpverlening.
Ook veel vrouwen zitten in een sociaal isolement, omdat ze door hun culturele of religieuze achtergrond met de rug naar de maatschappij staan. Leefbaar Rotterdam wil dit onderwerp hoog op de politieke agenda houden. Vrouwenemancipatie is zo belangrijk omdat het de kwaliteit van het bestaan van individuele vrouwen verbetert en ook dat van degenen die zij opvoeden. Uiteindelijk komt dat de gehele samenleving ten goede. Het heeft hoge prioriteit ervoor te zorgen dat meisjes en jongens niet al op jonge leeftijd ongelijk behandeld worden. De overheid moet het vrouwen zo makkelijk mogelijk maken om uit hun sociale isolement te stappen, maar dan nog zullen zij het zelf moeten doen. Degenen die vrouwen tegenhouden om uit dat isolement te stappen, moeten keihard worden aangepakt.
Gebruik aanwezige informatie ‘Eigen schuld, dikke bult’ roepen tegen mensen met problematische schulden is te makkelijk. Toch zit er wel een kern van waarheid in. Het kan tegen zitten in het leven en veel huishoudens zitten jaren vast aan het afbetalen van verkeerde aankopen uit het verleden. Meer dan eenderde van de Rotterdamse minimahuishoudens heeft door leningen of betalingsachterstanden moeite om rond te komen. Huishoudens met problematische schulden moeten strak, één op één begeleid worden. Schuldhulpverlening moet het aantal uitvallers terugdringen door huishoudens te koppelen aan een mentor. Dit kan vaak heel goed een familielid of bekende zijn. Leefbaar Rotterdam vindt bovendien dat er wetgeving moet komen die het mensen met problematische schulden verbiedt nieuwe leningen aan te gaan.
Het is belangrijk dat schuldhulpverlening zo vroeg mogelijk aan de slag gaat met mensen. Informatie die nu al bij gemeentelijke instanties aanwezig is, valt daarbij veel effectiever te gebruiken. Ook woningbouwcorporaties of Eneco kunnen hierbij een rol spelen. Zij zien vaak als eerste betalingsachterstanden ontstaan en moeten die informatie met schuldhulpverlening delen. Met slim opereren en tijdig ingrijpen, zijn veel huisuitzettingen te vermijden. Het voorkomen van meer ellende voor betrokkenen en de stad is belangrijker dan mogelijke bezwaren op het gebied van privacy.
Leefbaar Rotterdam wil:
- een steviger aanpak van uitkeringsfraude
- dat de gemeente een centrale regie voert over en prestatieafspraken maakt met het welzijnswerk
- welzijnsgeld besteden aan degenen die willen, maar nog niet kunnen (en niet andersom)
- ouders die tekort schieten in de opvoeding van hun kinderen straffen
- dat mensen met problematische schulden geen nieuwe leningen mogen aangaan
- huisuitzettingen voorkomen door woningbouwcorporaties en Eneco gegevens met schuldhulpverlening te laten delen
3. Iedere wijk voor iedere Rotterdammer aantrekkelijk om te wonen
De Rotterdamse wijken moeten weer in balans gebracht worden door het bijsturen van instroom, uitstroom en doorstroom binnen een wijk. Dat lukt natuurlijk niet van de ene op de andere dag; dat vraagt om een langetermijnvisie. Jarenlang is Rotterdam verpauperd omdat niemand deze processen bewaakte.
Het ongelimiteerd toelaten van kansarmen in een wijk jaagt de oorspronkelijke bewoners weg en daarmee ook de winkeliers. Mensen die zich opwerken en naar een beter huis willen, kunnen niet langer blijven wonen in de wijk waar ze zich thuis voelen wanneer er geen woningen voor hen komen. Oudere mensen die nog zelfstandig kunnen wonen, moeten ook in hun wijk kunnen blijven wonen.
Om de bevolkingssamenstelling evenwichtiger te krijgen, moet de gemeente doorgaan met het bouwen van woningen voor midden- en hogere inkomens. Daarnaast moet het gemeentebestuur ervoor zorgen dat veel meer jonge gezinnen en studenten kiezen om in Rotterdam te blijven wonen.
Mensen die opgegroeid zijn in een wijk, of er lang gewoond hebben, hebben binding met die wijk en voelen zich er thuis. Die binding is belangrijk voor de leefbaarheid van wijken en buurten.
Het is ontoelaatbaar dat bewoners uit hun wijk moeten vluchten als de leefomstandigheden door straatterreur en verpaupering ondraaglijk worden. Die verpaupering was het directe gevolg van het erfpachtbeleid en het niet tijdig bouwen van betere huizen. Rotterdam is te groot en de wijken te verschillend van karakter om de bevolkingssamenstelling maar op zijn beloop te laten. Leefbaar Rotterdam vindt dat iedere wijk in balans moet zijn. En dat betekent dat iedere Rotterdammer van hoog tot laag er zijn plekje moet kunnen vinden.
Leefbaar Rotterdam heeft door de Rotterdamwet een eind gemaakt aan het ongelimiteerd toelaten van kansarmen. In arme wijken komen vestigingseisen voor instromers van buiten de stadsregio. Daarbij is voorwaarde dat iedereen die Rotterdammer wil worden inkomen uit werk heeft. Uitkeringen zijn immers bedoeld als tijdelijk vangnet en niet als permanente hangmat. Mensen met een bijstandsuitkering die in Rotterdam willen komen wonen, moeten dus eerst een baan vinden.
De Rotterdamwet was nodig om te zorgen dat de zaak niet verergert. Nu moet er nog het nodige gebeuren om te zorgen dat de zaak echt verbetert. Wanneer de gemeente niet verder ingrijpt in de verpaupering, worden hele wijken onleefbaar door het wegtrekken van de middenklasse en het verdwijnen van winkels. Er moeten duizenden huizen komen voor mensen met middeninkomens, vooral in wijken waar een overmaat is aan sociale woningen. Maar ook de luizen moeten uit de pels. Huisjesmelkers die op een onmenselijke manier nieuwkomers en illegalen uitbuiten – en zo broeinesten creëren voor criminaliteit – moeten keihard aangepakt worden. Politie, brandweer, SoZaWe, makelaars en notarissen kunnen door het koppelen van gegevens een muur opwerpen tegen dit soort uitbuiters. Wonen is meer dan een dak boven je hoofd en je veilig voelen achter je eigen voordeur. Ook op straat moet het leefbaar zijn, intimiderende groepen moeten met inzet van alle middelen verdwijnen. Te weinig wordt er nog gebruik gemaakt van het samenscholingsverbod en er is te weinig controle op de naleving ervan. Politie die zich laat uitlachen, maakt zich in de ogen van Leefbaar Rotterdam zélf belachelijk.
Voordelen van het leven in de stad
Rotterdam is een stad van huurwoningen en grote woningcorporaties. Te lang hebben deze superhuisbazen alleen op de winkel gepast en te weinig gedaan aan het bevorderen van wooncarrières. Leefbaar Rotterdam vindt het zeer nadrukkelijk een taak van woningbouwcorporaties om de leefbaarheid in wijken te bevorderen. Er horen ‘woonwinkels’ in wijken te zijn, waar Rotterdammers met hun vragen bij woningbouwcorporaties terecht kunnen. Daarnaast vindt Leefbaar Rotterdam dat het gemeentebestuur harde prestatieafspraken maakt met woningbouwcorporaties. Want die moeten natuurlijk aansluiten op de ruimtelijke ordening van de gemeente. Bovendien moet gewaarborgd zijn dat burgers zaken die betrekking hebben op hun directe leefomgeving in eigen hand kunnen nemen. Wanneer huurders de gelegenheid krijgen hun huis te kopen, dan zie je woonblokken en straten met sprongen vooruit gaan. Het is nu pas echt hún straat geworden en daar gaan ze dan zuinig mee om. De gemeente heeft zelf het initiatief genomen om in Spangen huizen gratis in eigendom te geven aan mensen die bereid zijn om ze te renoveren. Leefbaar Rotterdam juicht dergelijke initiatieven toe.
Het in balans krijgen van de stad is niet alleen een kwestie van betere huizen, maar ook van meer groen en mogelijkheden voor recreatie. Betere huizen en meer groen maken een betere stad, een kwaliteitsstad. Daarom wil Leefbaar Rotterdam doorgaan op de ingeslagen weg met toevoeging van ‘Mooi’ aan het ‘Schoon, Heel en Veilig’. Rotterdammers zijn stadsmensen, maar dat wil niet zeggen dat ze zich afgekeerd hebben van de natuur. De overheid moet zorgen dat bij de herinrichting van wijken plaats is voor meer huizen met tuinen, ligplaatsen voor visbootjes en kleine pleziervaartuigen en mogelijkheden om te sporten. Rotterdam heeft schitterende singels die een verademing zijn in de dichte bebouwing van de stad. Aan de andere kant zijn er overal in de stad kleine pleintjes met enkele trieste kinderspeeltuigen. Dat kan allemaal kleuriger en fleuriger, zodat ouders het ook leuk vinden om even een luchtje te scheppen in de buurtoase.
Het is belangrijk om de voordelen van het leven in de stad verder uit te bouwen. Een gevarieerd cultureel aanbod is daar een onderdeel van. Leefbaar Rotterdam vindt het huidige aanbod te elitair. De culturele sector moet veel minder afhankelijk van de overheid worden, zich veel vraaggerichter opstellen en zichzelf veel meer kunnen bedruipen.
Rotterdam bruist van allerlei sportactiviteiten en grootschalige evenementen, waarbij de hele binnenstad op zijn kop staat. Dit moet vooral zo blijven en er mag van Leefbaar Rotterdam zelfs nog wel een schepje bovenop. Dit soort festivals zet Rotterdam nationaal en internationaal op de kaart en is bovendien goed voor de middenstand. Evenementen als de Havendagen, Monaco aan de Maas en een stuntvliegshow dragen bovendien bij aan het saamhorigheidsgevoel van de Rotterdammers.
Groene golven
In de omgeving van Rotterdam zijn veel recreatiegebieden. De roep om meer groen is Leefbaar Rotterdam uit het hart gegrepen. Maar dan wel groen waar Rotterdammers naar toe gaan om van de natuur te genieten. Dit kan door gebieden makkelijk bereikbaar te maken, er een restaurant te plaatsen of wandelroutes aan te leggen.
Misschien klinkt het gek, maar de aanwezigheid van industrie biedt grote kansen voor het milieu. Restwarmte is zo’n kans. Fabrieken produceren veel warmte, warmte die normaal gesproken ‘wegvliegt’ in de lucht. Dat is zonde. Door een fabriek aan te sluiten op een warmtenetwerk is deze warmte te gebruiken voor de verwarming van huizen. Kooldioxide is een andere kans. De kooldioxide-uitstoot van fabrieken is te gebruiken voor de kassen in het Westland, die kooldioxide nodig hebben om hun producten te laten groeien.
De uitlaatgassen van voertuigen bepalen voor een groot gedeelte de luchtkwaliteit in Rotterdam. Leefbaar Rotterdam wil dat de gemeente het goede voorbeeld geeft. Alle gemeentelijke voertuigen en RET-bussen moeten snel roetfilters krijgen. Hierdoor neemt de hoeveelheid schadelijke stoffen in de uitlaatgassen af en verbetert de luchtkwaliteit. Een andere manier om de luchtkwaliteit te verbeteren is het op elkaar afstemmen van de stoplichten op de grote verkeersaders in de stad. Door deze zogenoemde groene golven kan het verkeer in één keer de route naar bijvoorbeeld het centrum afleggen. Dat betekent minder auto’s die afremmen en optrekken, of lang stilstaan voor stoplichten.
Leefbaar Rotterdam wil:
- meer huizen met tuinen voor mensen met midden- en hogere inkomens
- dat het gemeentebestuur prestatieafspraken maakt met woningbouwcorporaties
- dat mensen hun eigen huurhuis kunnen kopen
- meer kleur en fleur door bij herinrichting van wijken plaats voor groen in te ruimen
- slimmer omgaan met restwarmte en kooldioxine-uitstoot
4. Iedere Rotterdammer die kan werken, moet aan het werk
‘Allemaal aan de slag’ roept men in Den Haag. Prima, maar dan moeten er wel banen zijn. Die banen kan Rotterdam creëren door de grootste werkgever van de stad, het midden- en kleinbedrijf, te stimuleren en te faciliteren. Een gezond MKB zorgt niet alleen voor veel stageplekken en voor banen, maar ook voor een aantrekkelijker stad waar het goed werken, wonen en recreëren is.
Bij het MKB ligt voor de gemeente een gouden kans om MBO’ers, HBO’ers en afgestudeerden van universiteiten te behouden voor de stad. Rotterdam moet het mogelijk maken dat zoveel mogelijk mensen ondernemer van hun eigen arbeid worden. Daarnaast moet de gemeente bedrijven stimuleren zich in Rotterdam te vestigen.
De werkloosheid in Rotterdam is veel hoger dan het landelijk gemiddelde. Terwijl er in Rotterdam vele duizenden vacatures zijn tegenover duizenden uitkeringstrekkers. Dit laat zien dat stevig beleid dat erop gericht is om zoveel mogelijk mensen aan het werk te krijgen absoluut noodzakelijk is.
Rotterdam heeft een troef in handen doordat de stad tegen de vergrijzing in verjongt. Het aantal banen in Rotterdam groeit, maar het aantal werklozen ook. Schooluitval is van dat laatste een belangrijke oorzaak. Daarbij komt dat jongeren die wel een diploma hebben, steeds meer tijd nodig hebben om een baan te vinden. Het verminderen van schooluitval is essentieel om die troef te benutten. Wie geen diploma heeft, krijgt wat Leefbaar Rotterdam betreft geen uitkering, maar gaat terug naar school. Jongeren tot 27 jaar mét een diploma, krijgen ook geen uitkering, maar gaan aan de slag. In het Westland, de zorg en de kinderopvang is werk genoeg! Vaak vinden mensen geen baan omdat ze gekozen hebben voor een opleiding die nauwelijks kansen biedt. Op dit moment is er sprake van een ernstige mismatch op de arbeidsmarkt. Het onderwijs moet veel beter aansluiten op de behoeften van het bedrijfsleven en andere werkgevers. Daarom moeten de gemeente en het bedrijfsleven veel meer zeggenschap krijgen over het beroepsonderwijs. Leefbaar Rotterdam vindt dat er bijvoorbeeld op Heijplaat een campus moet komen met ambachtelijke opleidingen.
Daar waar het voor ondernemers moeilijk is om te investeren, moeten zij de overheid aan hun kant vinden. Dit gebeurt bijvoorbeeld in Economische Kansenzones waar de overheid ondernemerschap stimuleert op plaatsen waar het anders niet van de grond komt. Leefbaar Rotterdam wil uitbreiding van deze regeling waarbij de overheid samen met het bedrijfsleven investeringen doet. Want wie meebetaalt staat achter de uitvoering en zal er ook zelf alles aan doen om te zorgen dat het een succes wordt. Dat geldt met name voor het midden- en kleinbedrijf. Een fris en gezond winkelbestand doet wonderen voor een wijk. Het schept werkgelegenheid, brengt mensen op straat, brengt geld in de la van de ondernemer en geeft een wijk een zet in de goede richting. De onveiligste plekken van de stad, de Hotspots, zijn een stuk verbeterd. Er moet een vergelijkbare geconcentreerde aanpak komen voor de armste plekken van de stad.
Een beter ondernemersklimaat
Rotterdam is voor het bedrijfsleven nu al aantrekkelijk, maar het kan beter. Mogelijkheden creëren voor bedrijven om zich hier te vestigen is de enige manier om te zorgen dat meer Rotterdammers aan de slag kunnen. Het ondernemersklimaat valt te verbeteren door bijvoorbeeld digitale verstrekking van vergunningen en vermindering van de administratieve regellast. Daarnaast moet er ruimte zijn voor ondernemers en moeten er dus bedrijventerreinen worden ontwikkeld om het aantal banen voor Rotterdammers in de toekomst te vergroten.
De globalisering van de economie is een feit. Het onderhouden van contacten met het buitenland is voor bedrijven steeds vaker een voorwaarde voor succes. In die toenemende internationalisering kan Rotterdam een belangrijke rol spelen. Noodzakelijk is dan wel een goede internationale bereikbaarheid. Nu al heeft Rotterdam Airport een stevige positie in Nederland. Het Rotterdamse vliegveld vervoert meer passagiers dan alle andere regionale vliegvelden bij elkaar. En keer op keer krijgt het goede rapportcijfers van de passagiers! Leefbaar Rotterdam is daar trots op en wil de mogelijkheden die de luchthaven biedt nog meer benutten. Ook dat draagt bij aan een beter ondernemersklimaat.
In een concurrerende wereld is een sterke positie van het unieke industriële en logistieke Rotterdamse havengebied van groot belang. Lading komt niet langer automatisch naar Rotterdam, andere havens liggen op de loer om het over te nemen. Daarom moet de uitbreiding van de haven met de Tweede Maasvlakte zo snel mogelijk in gang gezet worden. Overslag is één ding, maar uiteindelijk gaat het erom wat je eraan verdient. Leefbaar Rotterdam blijft er om die reden op hameren dat de toegevoegde waarde veel belangrijker is dan het aantal containers dat de haven verwerkt.
In de haven zelf werken op dit moment 60.000 mensen. Met alle havengebonden activiteiten erbij gaat het om een veelvoud daarvan. Dit werknemersbestand is erg eenzijdig, want over het algemeen gaat het om autochtone mannen vanaf middelbare leeftijd. Als de havenbedrijven in de toekomst hun omzet op peil willen houden, hebben zij dus nieuwe werknemers nodig. In de praktijk heeft werken in de haven een slecht imago onder de Rotterdamse jeugd. Voor de Rotterdamse economie is het noodzakelijk dat deze beeldvorming verbetert en dat het aantrekkelijk wordt voor toekomstige werknemers om in de haven te gaan werken. Ook hier is het belangrijk dat het bedrijfsleven en het onderwijs hun krachten bundelen. De motor van de Nederlandse economie verdient immers goede monteurs. Naast de haven is de zorgsector belangrijk in de stad. Er zijn nu 47.000 banen in ziekenhuizen en bejaardentehuizen. Bij de juiste investeringen zal deze sector alleen maar groeien. De creatieve sector groeide de afgelopen jaren het snelst. Het gaat bijvoorbeeld om architecten- en ontwerpbureaus en mode- en filmbedrijven. Het is van belang om deze groei te faciliteren om de bijbehorende werkgelegenheid verder uit te kunnen breiden.
Van hangmat naar vangnet
Mensen die niet op eigen kracht een baan kunnen vinden, verdienen een duwtje in de rug. Maar Leefbaar Rotterdam weigert grote groepen mensen als zwak of hulpbehoevend te bestempelen. Verreweg de meeste Rotterdammers zijn kansrijk en niet kansarm.
Jarenlang heeft de overheid geld dat bedoeld was om mensen aan het werk te helpen besteed aan gesubsidieerde arbeid, zonder dat er zicht was op echte banen. Leefbaar Rotterdam vindt dat de overheid niet langer werkgevers moet subsidiëren die niet van plan zijn mensen een echte kans op een echte baan te bieden.
Werkgevers die zich schuldig maken aan rassendiscriminatie moeten hard worden aangepakt. Toch misbruikt men maar al te vaak het begrip ‘discriminatie op de arbeidsmarkt’. Als een werkgever een sollicitant weigert op basis van ‘onaangepast gedrag’ heeft dat volgens Leefbaar Rotterdam per se niets met discriminatie te maken. De Rotterdamse bedrijfscultuur is in deze stad een gegeven. Wie niet de moeite neemt om zich daaraan aan te passen, is er zelf voor verantwoordelijk dat hij geen baan vindt. Zeker nieuwkomers moeten zich dat realiseren. Een man die kost wat kost zijn religieuze identiteit wil cultiveren door met een jurk aan naar een sollicitatiegesprek te gaan en daar weigert een vrouw een hand te geven, heeft wat Leefbaar Rotterdam betreft geen recht op een uitkering. Wie vrouwen geen hand geeft, hoeft hem ook niet op te houden…
Leefbaar Rotterdam vindt dat iedere Rotterdammer een zinvolle bijdrage aan de samenleving kan leveren. Uitgangspunt is dan ook dat iemand die kan werken ook moet werken. Omgekeerd geldt dat iemand die wel kan maar niet wil werken, ook geen recht op een uitkering heeft. De sociale hangmat is nu echt verleden tijd. Een uitkering wordt pas gegeven als het echt niet anders kan en zelfs dan zal er een tegenprestatie tegenover moeten staan. Uitkeringen zijn een vangnet wie wil werken, maar het nog niet lukt om aan de slag te gaan. Een uitkering is niet een startpunt van waaruit men achteroverleunend kan kijken wat er nog meer allemaal mogelijk is.
Betaald parkeren mag nooit een melkkoe zijn
Goed openbaar vervoer is van vitaal belang voor de Rotterdamse economie en het welzijn van de Rotterdammers. Winkelcentra en belangrijke voorzieningen moeten altijd bereikbaar zijn met het openbaar vervoer. De kosten van het openbaar vervoer worden voor ongeveer 65% betaald door alle burgers via de belastingen, de overige 35% door de inkomsten uit kaartverkoop. Alle burgers die mee betalen, hebben recht op waar voor hun geld. Het Rotterdamse openbaar vervoer moet daarom aantrekkelijk zijn voor alle inwoners van de stad en de regio. Na het succes van het terugbrengen van de conducteur op de tram, wil Leefbaar Rotterdam de veiligheid in het openbaar vervoer verder verbeteren door te zorgen voor toezichthouders in elk metrorijtuig. Leefbaar Rotterdam wil dat er meer park & ride plaatsen komen op strategische plekken aan de rand van de stad. Rotterdammers uit randgemeenten parkeren er en nemen vandaar een snelle bus, tram of metro.
De aandacht die Stadstoezicht nu besteedt aan parkeercontrole is buiten alle proporties. In veel woonwijken moet overdag voor parkeren betaald worden, terwijl er dan genoeg vrije parkeerplaatsen zijn. ’s Avonds is parkeren gratis, maar is er geen plek te vinden. Dit is niet aan Rotterdammers uit te leggen. Leefbaar Rotterdam vindt dat bewoners in hun eigen wijk gratis moeten kunnen parkeren. Betaald parkeren mag nooit een melkkoe van de gemeente zijn. Rotterdammers moeten zelf kunnen bepalen of er in hun wijk betaald parkeren moet zijn of niet.
Het beleid ten aanzien van verkeersdrempels is een andere bron van ergernis van veel Rotterdammers. Als politie, brandweer of een ambulance vanwege verkeersdrempels te laat komt, klopt er iets niet. Natuurlijk zijn verkeersdrempels nuttig als ze de veiligheid verhogen en met 30 kilometerzones is ook niets mis. Leefbaar Rotterdam heeft ook hier als uitgangspunt dat bewoners zelf moeten kunnen bepalen waar in hun buurt verkeersdrempels zijn.
Leefbaar Rotterdam wil:
- uitbreiding van de Economische Kansenzones
- de winstbelasting in Economische Kansenzones verlagen
- aanleg en ontwikkeling van bedrijventerreinen
- vermindering van de regellast voor ondernemers
- versterking van Rotterdam Airport
- geen uitkering zonder tegenprestatie
- koppelingen tussen bedrijfsleven en opleidingen
- dat bewoners gratis in hun eigen wijk kunnen parkeren
- meer park & ride plaatsen
- toezichthouders op de metro
5. Iedereen die in Rotterdam woont, moet ook Rotterdammer worden
Ieder mens heeft recht op zijn eigen identiteit, maar de voertaal hier is Nederlands. Ouders die hun kinderen in een andere taal opvoeden, belemmeren de kansen van hun kinderen. Het veroorzaakt ook extra kosten in het onderwijs. Dat geld valt op een veel betere manier aan de jeugd te besteden.
Bij het recht op eigen identiteit hoort het recht op vrijheid van godsdienst. Zolang moslimextremisten de vrije wereld bedreigen, is het logisch dat het dragen van moslimkleding bij niet-moslims irritatie en wantrouwen kan veroorzaken. Daarbij komt dat woordvoerders uit moslimkringen vaak te lauw reageren op ideologisch extremisme, waardoor extreem rechts voeding krijgt.
Leefbaar Rotterdam wil daarom opvallende godsdienstige symbolen verbieden voor ambtenaren en leraren. Zij vertegenwoordigen de overheid en die moet strikt gescheiden zijn van kerken of moskeeën. Daarnaast vindt Leefbaar Rotterdam dat er een verbod moet komen op het dragen van burka’s en gezichtssluiers in openbare ruimtes en op straat. Dit zijn extremistische uitingen die niet thuis horen in dit land.
Voor Leefbaar Rotterdam is iedere nieuwkomer die in Rotterdam z’n handen uit de mouwen wil steken meer dan welkom. Voorwaarde is wel dat iedereen hier de westerse spelregels onderschrijft en in acht neemt. De zogenaamde ‘multiculturele’ samenleving is geen samenleving en om die reden voor Leefbaar Rotterdam een leeg begrip. Leefbaar Rotterdam ziet onze stad als een multi-etnische samenleving, waar een gezamenlijke cultuur het bindmiddel moet zijn.
Voor nieuwkomers is loyaliteit aan de westerse cultuur een voorwaarde om hier goed te kunnen functioneren. Het is belangrijk om deze loyaliteit te stimuleren. Leefbaar Rotterdam wil daarom dat individuele nieuwkomers, maar ook bestaande allochtone organisaties zich door loyaliteitsverklaringen aan de westerse spelregels committeren. Wie spelregels uit andere culturen belangrijker vindt dan het burgerschap van Nederland, heeft volgens Leefbaar Rotterdam geen recht op een verblijfsvergunning.
Veel Rotterdammers voelen zich onprettig als er in hun omgeving geen Nederlands wordt gesproken. Ze storen zich eraan dat nieuwkomers zo maar dezelfde rechten op uitkeringen hebben als zijzelf, terwijl zij er jarenlang premies voor hebben betaald. Om die reden pleit Leefbaar Rotterdam voor een ‘greencardsysteem’ voor immigranten. Met zo’n greencard mogen mensen die een bijdrage kunnen leveren aan de samenleving hier werken. Ze betalen premies en belasting, maar maken geen aanspraak op sociale voorzieningen. Na een periode van een aantal jaren bouwen ze, afhankelijk van de mate waarin ze ingeburgerd zijn, dat recht wel op. Wanneer een dergelijk systeem niet wordt ingevoerd, blijft immigreren nog steeds een enkele reis naar de onderklasse.
Inburgeren is een verantwoordelijkheid van de nieuwkomers zelf. Het huidige systeem moet omgedraaid worden. Nu betaalt de overheid bij voorbaat alle inburgeringscursussen en geeft mensen die het diploma niet halen een boete. Leefbaar Rotterdam pleit ervoor dat iedere nieuwkomer zelf zijn cursus betaalt en dat iedereen die z’n diploma haalt een beloning van bijvoorbeeld duizend euro krijgt.
Allochtone organisaties moeten tijdelijke stations zijn die mensen de weg wijzen naar het zelfstandig burgerschap van Rotterdam. Ze zouden moeten functioneren als bedrijven die met hoge omloopsnelheid van nieuwkomers zelfstandige burgers van Rotterdam maken.
Overlegstructuren tussen de gemeente en bijvoorbeeld Marokkaanse en Turkse organisaties handhaven in feite de ‘status aparte’. Bovendien deugt het niet – in een land met scheiding tussen kerk en staat – dat de gemeente Rotterdam zich laat adviseren door een islamitische koepelorganisatie. De pastoor of de dominee worden ook niet om raad gevraagd. Leefbaar Rotterdam wil dan ook alle godsdienstige adviesorganen en overlegstructuren opheffen.
Met wortel en tak
De politieke islam is een regelrechte aanval op het Nederlandse rechtssysteem en de westerse manier van leven. Het is een bedreiging voor de openbare orde en veiligheid en dient met wortel en tak uitgeroeid te worden. Leefbaar Rotterdam wil koranscholen, moskeeën of andere islamitische organisaties die ook maar enige sympathie laten blijken voor de politieke islam sluiten en haatzaaiende imams direct het land uitzetten. Nu ontkennen veel instellingen dat de prediking van de politieke islam de oorzaak is van radicalisering. Ze geven de schuld aan de samenleving die zou ‘discrimineren’. In plaats van de hand in eigen boezem te steken, zaaien ze zo alleen maar meer tweedracht. De Gemeente Rotterdam moet alle overleg met dit soort organisaties staken.
In Rotterdam is geen plaats voor islamitische wetgeving. Hier worden geen homo’s van flatgebouwen afgegooid, geen ledematen afgehakt en geen vrouwen wegens overspel gestenigd. Gedrag zoals uithuwelijking, maagdelijkheidscultus, homofobie, jodenhaat, onderdrukking van vrouwen, eerwraak en vrouwenbesnijdenis tolereert Leefbaar Rotterdam niet. Punt uit. In het belang van de openbare orde zullen alle islamitische instellingen een gedragscode moeten tekenen waarin zij het primaat erkennen van de Nederlandse rechtsstaat en zij afstand nemen van islamitische wetgeving. Leefbaar Rotterdam vindt dat elke instelling die dat weigert verboden moet worden en zeker geen subsidie mag krijgen.
Leefbaar Rotterdam wil:
- een verbod op hoofddoeken voor ambtenaren en leraren
- een greencardsysteem voor immigranten
- een verbod op burka’s en gezichtssluiers in openbare ruimtes en op straat
- alle godsdienstige adviesorganen en overlegstructuren opheffen
- organisaties die sympathie voor de politieke islam uitspreken verbieden
- dat de gemeente onderzoek doet naar extremistische organisaties in de stad
6. Iedere school voor ieder Rotterdams kind toegankelijk
‘De jeugd heeft de toekomst’ is niet voor niets een cliché, het is doodgewoon waar. Daarom is onderwijs voor Leefbaar Rotterdam een enorm belangrijk thema. Kinderen leren op school veel meer dan rekenen en schrijven. Na het gezin is de school voor jongeren de plaats waar ze kennismaken met de normen en waarden van onze samenleving. Ze leren zich er sociaal te gedragen en ze leren er hoe belangrijk het is om deel uit te maken van een groter verband.
Groepen met onderwijsachterstand zijn een probleem van alle tijden, maar in Rotterdam is het probleem duidelijk gerelateerd aan een jarenlang te vrijblijvend immigratiebeleid. Bij het wegwerken van taalachterstand is Nederlandse les het enige recept. Er moet een toelatingstoets voor taalvaardigheid komen voor kinderen die naar het basisonderwijs gaan. Kinderen die de toets niet halen, gaan eerst naar een aparte taalklas, waarna ze gelijk op kunnen gaan met de groep. Zo is gegarandeerd dat alle kinderen die op de basisschool komen Nederlands spreken.
Godsdienstonderwijs is een zaak voor ouders en kerken, maar niet voor scholen. Die hebben als taak om kinderen kennis en vaardigheden bij te brengen waarmee ze verder kunnen in de maatschappij. In het huidige onderwijssysteem is het openbaar onderwijs verplicht alles en iedereen te accepteren, terwijl christelijke scholen wel leerlingen mogen weigeren. Dat leidt tot onwenselijke concentraties van onderwijsachterstand. Ook op islamitische scholen bevinden zich voor het merendeel achterstandsleerlingen. Om die reden vindt Leefbaar Rotterdam dat er voorlopig geen nieuwe islamitische scholen bij moeten komen. Het is een slechte zaak als groepen op ideologische gronden van elkaar gescheiden worden gehouden. Leefbaar Rotterdam vindt dat iedere Rotterdamse school voor ieder Rotterdammers kind toegankelijk moet zijn.
Rotterdamse scholen moeten de jeugd die kennis en vaardigheden bijbrengen die nodig zijn om in de kennissamenleving een goede boterham te verdienen. Dat betekent vooral bij het beroepsonderwijs dat opleidingen echt tot banen moeten opleiden. En dat de grootste werkgever van onze stad, het midden- en kleinbedrijf, zich ook met de inhoud van die opleidingen moet bemoeien. De behoefte van werkgevers staat centraal. Dat houdt in dat ROC’s de instroom drastisch moeten beperken van die opleidingen waar de arbeidsmarkt vrijwel geen behoefte aan heeft. Als dat niet gebeurt, lopen we het risico dat we een hele generatie jongeren opleiden om op hun achttiende met pensioen te gaan en levenslang van een uitkering afhankelijk te zijn.
Scholen beconcurreren elkaar nu op leerlingenaantallen. Men stelt dure pr-medewerkers aan om ouders en kinderen met flitsende folders te lokken. Scholen lijken zich wel te willen onderscheiden met wie de meeste ‘leuke dingen’ doet voor leerlingen. Maar het gaat bij de vorming van jonge mensen natuurlijk niet alleen om de schoolreisjes en de buitenschoolse activiteiten. Leefbaar Rotterdam vindt dat scholen moeten worden afgerekend op het bereiken van resultaten, bijvoorbeeld op wie het meest succesvol de grootste hoeveelheid leerlingen naar banen weet toe te leiden.
Meer dan kennisoverdracht
Naast kennisoverdracht is het zeker zo belangrijk dat het onderwijs jonge mensen vormt tot burgers die kunnen omgaan met hun maatschappelijke verantwoordelijkheden. Het is van groot belang voor het voortbestaan van onze samenleving dat zaken als vrijheid van meningsuiting, tolerantie voor andersdenkenden, gelijkheid van man en vrouw geen loze begrippen worden. Onze scholen spelen een hoofdrol bij het helpen van jongeren om inhoud te geven aan deze begrippen. Zonder burgers met een democratische gezindheid kan een democratie natuurlijk nooit functioneren.
Veel scholen zijn, gedwongen door Haagse regelgeving, anonieme leerfabrieken geworden. De menselijke maat is er voor zowel leraar als leerling volkomen zoek. De grote eenheden ontmoedigen het aangaan van binding en bevorderen een cultuur van vermijding en afzijdigheid. Anonimiteit belemmert leerlingen in hun persoonlijke ontwikkeling. Hierdoor hebben te veel leerlingen zorg of correctie nodig en zijn de uitgaven in de preventieve, curatieve en repressieve sfeer onnodig hoog. Leefbaar Rotterdam wil kleinere scholen met maximaal 600 leerlingen. Daar verzuipen ze niet in de anonimiteit. Waarden en normen zijn er effectiever over te dragen en daardoor veroorzaken jongeren minder overlast. Leerlingen ontwikkelen zich op kleine scholen zowel sociaal als cognitief beter. Hierdoor stijgt het opleidingsniveau van de jeugd en hebben de jongeren van nu meer kans op een goede carrière in de kenniseconomie van morgen.
Op dit moment probeert de gemeente door dubbele wachtlijsten de samenstelling van scholen een afspiegeling van de wijk te laten zijn. Daarnaast zijn er ‘vriendsschapsscholen’; leerlingen van een ‘zwarte’ school bezoeken een ‘witte’ school en andersom. Dit zet geen zoden aan de dijk, want het is gebaseerd op vrijwillige deelname van scholen en dat is veel te vrijblijvend. Leefbaar Rotterdam wil de huidige generatie leerlingen natuurlijk niet afschrijven. Om de integratie van de Rotterdamse jeugd te bevorderen wil Leefbaar Rotterdam dat scholen er verplicht aan deelnemen. Het mag niet zo zijn dat ouders in achterstandswijken die aangepakt worden alleen maar de keus hebben uit zwarte scholen.
Het is belangrijk om de jeugd te leren hoe cruciaal het is dat we in Rotterdam mét elkaar leven en niet langs elkaar heen. Om die reden pleit Leefbaar Rotterdam voor een sociale stage voor de jeugd vanaf tien jaar en een sociale dienstplicht voor iedereen die achttien wordt. Diegenen die daarna geen vervolgopleiding volgen of geen baan vinden, krijgen een verlenging van die sociale dienstplicht.
Grote groepen kinderen verlaten de basisschool met een grote taalachterstand en halen die op de middelbare school nooit meer in. Voor die kinderen is extra Nederlandse les de enige remedie. Natuurlijk is het nuttig om moeders van jonge kinderen Nederlandse les te geven, maar het is niet erg realistisch om te verwachten dat ze dan ook thuis Nederlands zullen spreken. Leefbaar Rotterdam is fel tegen de flauwekul om met middelen voor de bestrijding van onderwijsachterstand kinderen les te geven in bijvoorbeeld Arabisch of Turks.
Het enige wat kinderen met een taalachterstand echt helpt, is vergroting van het aantal uren waarin ze in een Nederlandse taalomgeving zijn. In feite moet al het geld voor achterstandsbestrijding daaraan besteed worden. Het is te gek voor woorden dat er nu scholen zijn die ‘verslaafd’ zijn aan achterstandsleerlingen omdat ze daar extra geld voor ontvangen, terwijl niemand kijkt of die scholen met dat geld ook feitelijk achterstanden wegwerken. Het is overigens opvallend dat er bij van oorsprong Surinaamse en Chinese kinderen veel minder achterstand voorkomt dan bij kinderen met een islamitische achtergrond. Er lijkt een verband te zijn met de mate waarin die gemeenschappen op de westerse samenleving georiënteerd zijn.
In Rotterdam zijn helaas nog veel ouders die hun kinderen niet op een goede, evenwichtige manier kunnen opvoeden. Waar het gaat om misstanden als verwaarlozing en mishandeling, zijn er instanties als kinderbescherming en jeugdzorg. Helaas hebben dat soort instanties maar al te vaak hun aandacht primair gericht op institutionele, bureaucratische belangen in plaats van op de belangen van de jeugd. Het beleid en handelen van jeugdzorg moet direct aansluiten op de gemeentelijke actieprogramma’s die zich met onze jongeren bemoeien. Anders is het water naar de zee dragen. Veel ouders zijn niet in staat hun kinderen die bagage mee te geven die ze nodig hebben voor een optimale ontwikkeling. Steeds meer verschuift de opvoedtaak van ouders richting scholen. Het is opvallend dat de taalvaardigheid van leerlingen in de onderbouw van het basisonderwijs gelijke tred houdt. In de bovenbouw lopen veel leerlingen een taalachterstand op, doordat de leerstof in de bovenbouw veel abstracter is. De ontwikkeling van het abstraherend vermogen van achterstandsleerlingen is achtergebleven en daardoor hebben zij moeite om complexe teksten te behappen. In het belang van de leerling is het nodig de ontwikkeling van het abstracte denkvermogen van kinderen al in een zo vroeg mogelijk stadium te prikkelen. Dit kan door jongeren ingrediënten aan te reiken die hun thuisomgeving veelal kan bieden.
Iedere leerplichtige Rotterdammer gaat naar school
In Rotterdam bestaan heel wat zogenaamde Brede Scholen. De bedoeling daarvan is dat ze de sociale ontwikkelingskansen van kinderen vergroten. In de Brede School komen de basisschool, de peuterspeelzaal, de kinderopvang, het welzijnswerk en sportverenigingen samen. Een echte Brede School moet dan ook het centrum van een wijk zijn. Het is een buurthuis nieuwe stijl dat van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat open is waar kinderen minstens veertig uur per week kunnen doorbrengen. In de praktijk echter is vrijblijvendheid troef en gebruiken Brede Scholen belastinggeld om wat vaker ‘leuke dingen’ met leerlingen te doen. Er is zelfs al sprake van Brede Scholen Nieuwe Stijl, maar ook die worden niet op geleverde prestaties afgerekend.
Als het aan Leefbaar Rotterdam ligt, krijgen Brede Scholen alleen subsidie als ze zich laten afrekenen op resultaten. Het begrip Brede School moet echt ergens voor staan. Op een Brede School is geen wapenbezit, zijn er minder ruzies tussen leerlingen en wordt er minder gespijbeld. Uiteindelijk moet een Brede school zorgen dat kinderen zich beter ontwikkelen en betere leerprestaties leveren.
Rotterdam kent schrikbarend veel jongeren die zonder diploma de school verlaten. Er is een direct verband tussen spijbelgedrag en voortijdig school verlaten. Het is belangrijk om verantwoordelijkheden en verplichtingen duidelijk te benoemen. Ouders zijn de eerstverantwoordelijken voor de opleiding van hun kinderen. Nemen ouders die verantwoordelijkheid niet, dan moeten ze worden gekort op de kinderbijslag. Scholen hebben de plicht schoolverzuim direct aan Leerplicht te melden. Scholen die dat niet doen, uit angst voor een slechte naam of uit concurrentie-overwegingen, moeten sancties opgelegd krijgen.
Het klinkt als een open deur, maar dat is het helaas niet. Leerplichtambtenaren moeten datgene doen waarvoor zij zijn aangesteld en waartoe zij als enige de bevoegdheid hebben: het handhaven van de Wet op de leerplicht. Veel te vaak schuiven zij nu aan bij de vergadertafels van social teams, counselors, schoolmaatschappelijkwerkers en andere hulpverleners.
Er zijn te veel kinderen die hun eigen glazen ingooien. Als het aan Leefbaar Rotterdam ligt, is het voor hen niet langer vrijheid blijheid. Spijbelaars moeten niet alleen door de bureaucratische molen van leerplichtambtenaren, maar ook stadswachten, politieagenten, tramcontroleurs en gewone burgers moeten hen aanspreken. Als er geen verlengde leerplicht voor alle voortijdige schoolverlaters komt, zitten ze straks tot hun 65e in een bijstandsuitkering.
Op veel scholen bevinden zich leerlingen die door hun gedrag een enorme druk op de schoolorganisatie leggen. Ze verzieken zowel het klimaat in de klas, in de algemene ruimte van de school en in de buurt van de school. De welwillende leerlingen hebben recht op bescherming. Zij mogen niet langer lijden onder de kleine groep kwaadwillenden. Het is dan ook van groot belang dat er een Rotterdamse tuchtschool wordt opgericht. Zo krijgen de welwillende leerlingen niet alleen de aandacht en begeleiding die ze verdienen. Het zal ook de werkdruk van docenten verminderen en de overlast rond scholen doen afnemen.
Leefbaar Rotterdam wil:
- dat het Rotterdamse Middelbaar Beroeps Onderwijs alleen opleidingen biedt waar de arbeidsmarkt behoefte aan heeft
- dat Rotterdamse scholen geen leerfabrieken zijn, maar gemeenschappen op menselijke maat met maximaal 600 leerlingen
- dat intensivering van het beleid om de integratie in het onderwijs te bevorderen
- dat geld om taalachterstanden te bestrijden alleen wordt gebruikt voor Nederlandse les
- dat Brede Scholen afgerekend worden op resultaten
- dat een Rotterdamse tuchtschool echt handen en voeten krijgt
7. Professioneel en efficiënt bestuur voor Rotterdam
Deelgemeentes hadden tot doel om het bestuur dichter bij de burgers te brengen en een aantal taken van de ‘Coolsingel’ over te nemen. In de praktijk is er alleen maar een extra bestuurslaag bijgekomen waardoor het aantal politici is gestegen van 45 naar 450. Dubbel werk en langs elkaar heen werken moet stoppen en het moet duidelijk zijn wie waar verantwoordelijk voor is. De door de burgers gekozen gemeenteraad moet het laatste woord hebben en moet de direct verantwoordelijken afrekenen op hun prestaties. Om die reden wil Leefbaar Rotterdam ervoor zorgen dat een volgende burgemeester van deze stad gekozen wordt. Leefbaar Rotterdam staat tot nu toe alleen in het aanzwengelen van bestuurlijke vernieuwing. De oude politiek wil er niet aan, want dan is het afgelopen met het vergeven van baantjes. Ook topambtenaren zoals de hoofden van de gemeentelijke diensten, moeten beoordeeld worden op efficiënte bedrijfsvoering en dienstbaarheid aan de Rotterdammers. Uiteindelijk is een wachtgeldregeling goedkoper dan een slecht functionerende gemeentelijke dienst met duizenden ambtenaren. Rotterdamse ambtenaren hebben recht op een professionele leiding die beoordeeld wordt door de – ook door hen gekozen – gemeenteraad.
Leefbaar Rotterdam heeft ervoor gezorgd dat het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam zich heeft verplicht om vooraf gestelde targets te behalen. Dat is uniek in Nederland! Professioneel bestuur betekent voor Leefbaar Rotterdam namelijk: resultaten halen en je daarop laten afrekenen.
Leefbaar Rotterdam wil gemeentelijke subsidies kritisch tegen het licht houden. Hoewel er een gedegen rapport ligt over de efficiëntie en effectiviteit van de subsidies, is er onwil om daarvan de consequenties te aanvaarden. Gevestigde belangen en vriendjespolitiek zijn voor velen in de Rotterdamse politiek kennelijk een reden om maar niet te kritisch naar subsidies te kijken. Onduidelijke stichtingen zonder meetbare doelstellingen en goede financiële verslaggeving verdienen geen subsidie. Die moet gaan naar die instellingen waar de Rotterdammers wat aan hebben. Subsidie is uiteindelijk geld van de Rotterdammers.
Dienstverlening aan de burger centraal
Regeren is niet een kwestie van alleen maar geld in problemen blijven pompen in de hoop dat ze dan vanzelf oplossen. Dat is het verdoezelen van de problemen, zoals dat de afgelopen decennia tot 2002 is gebeurd. Echte oplossingen voor de grote problemen van deze stad zijn eigenlijk niet mogelijk zonder Rotterdam als onafhankelijke staat uit te roepen. Op lokaal niveau is de criminaliteit geen echte slag toe te brengen, want de lokale politiek gaat niet over de straffen en de middelen voor politie. De toestroom van buiten valt niet te stoppen omdat Den Haag over het immigratiebeleid beslist. Leefbaar Rotterdam vindt dat het lokale bestuur maximale slagkracht moet hebben en wil dat Rotterdam een grotere onafhankelijkheid heeft van Den Haag.
Binnen het concern Rotterdam valt een ferme efficiëntieslag te maken. De stad beslaat slechts een beperkt aantal vierkante kilometers en het is niet efficiënt, noch afrekenbaar om de macht daarbinnen te verdelen over deelgemeentes. Leefbaar Rotterdam wil de deelgemeentes in hun huidige vorm afschaffen. Het moeten puur uitvoerende filialen van de ‘Coolsingel’ zijn, servicekantoren zijn waar de dienstverlening aan de burger centraal staat. Rotterdammers kunnen er geholpen worden bij het invullen van formulieren. Ze kunnen er terecht voor hun rijbewijs of paspoort en het postkantoor, de Eneco, de Thuiszorg, het CWI en SoZaWe hebben er ook een balie. De burger wordt in een servicekantoor op zijn wenken bediend: ‘At your service!’ En met een glimlach, want wat is er op tegen als ambtenaren vriendelijk zijn, de burger groeten en een prettige dag toewensen?
Ook binnen de gemeentelijke diensten moet er het nodige veranderen. De dienstbaarheid aan de burger moet veel meer centraal komen te staan. Leefbaar Rotterdam wil dat ook de gemeentelijke diensten puur uitvoerende organisaties zijn die worden aangestuurd door het College en de Bestuursdienst. Die dienst heet immers niet voor niets zo! Dus op dienstniveau hoeven er geen eigen onderzoekers, pr-mensen en dergelijke te zijn. In Rotterdam is geen plaats voor ambtenaren die zichzelf en hun collega’s bezighouden. Leefbaar Rotterdam pleit daarom voor een forse vermindering en verduidelijking van de gemeentelijke regelgeving. Het gevolg hiervan is een inkrimping van het aantal ambtenaren.
Alleen de organisatiestructuur veranderen is niet genoeg om te komen tot een efficiëntere overheid waar de dienstbaarheid aan de burger centraal staat. Er moet volgens Leefbaar Rotterdam ook een omslag komen in het personeelsbeleid. Goed presterende ambtenaren moeten rap gepromoveerd worden en slecht presterende ambtenaren rap gedegradeerd, ontslagen of overgeplaatst. Als dit in strijd is met de ambtenaren-CAO, dan moet die ter discussie gesteld worden. Datzelfde geldt voor de wachtgeldregelingen voor bestuurders en politici.
De lokale lasten stijgen ieder jaar. Gemeentelijke heffingen voor bijvoorbeeld het riool of de reiniging zijn gebaseerd op de feitelijke kosten. Hoe professioneler, slimmer en efficiënter de overheid werk, hoe lager die kosten zullen zijn. Leefbaar Rotterdam wil om die reden het automatisme van lastenstijging omkeren.
Leefbaar Rotterdam wil:
- dat Rotterdam onafhankelijker is van Den Haag
- dat een volgende burgemeester van Rotterdam gekozen wordt door de Rotterdammers
- de deelgemeentes afschaffen en daarvoor in de plaats servicekantoren waar dienstverlening aan burgers centraal staat
- het aantal gemeenteraadsleden terugbrengen van 45 tot 30
- dat ambtenaren vriendelijk zijn, de burger groeten en een prettige dag toewensen
- een forse vermindering en verduidelijking van de gemeentelijke regelgeving
- dat goed presterende ambtenaren rap promoveren en slecht presterende rap degraderen
- gemeentelijke heffingen halveren
- de lokale subsidie-uitgaven halveren
Waarom moet er een sterke Rotterdamse beweging in de gemeenteraad zitten?
Omdat Leefbaar Rotterdam durft te zeggen waar het op staat. Omdat Leefbaar Rotterdam er is voor iedereen met hart voor de stad. Omdat Leefbaar Rotterdam een partij is van doeners en niet van luchtkastelenbouwers en wieluitvinders. Omdat Leefbaar Rotterdam doet wat Pim niet meer kan doen.
De landelijke politiek houdt te weinig rekening met wat er lokaal speelt en wordt teveel beïnvloed door landelijke partijbelangen. Leefbaar Rotterdam is een puur Rotterdamse beweging die Rotterdam goed kent en weet wat er leeft.
Na de historische verkiezingsoverwinning van 2002 heeft Leefbaar Rotterdam de afgelopen vier jaar een visitekaartje afgegeven. En nu kijkt heel Nederland mee naar de gemeenteraadsverkiezingen in Rotterdam. Het is nu aan de Rotterdammers om te bepalen hoe het verder gaat met de politiek in Nederland.




